11. Angst voor de hel

Dit artikel maakt deel uit van een serie over aangeleerde, op religie gebaseerde, belemmerende overtuigingen en de mogelijke gevolgen die deze kunnen hebben. Doel van deze serie is: herkenning en erkenning. Doelgroep: (onbewust) betrokkenen /slachtoffers (zowel gelovig als niet meer gelovig), therapeuten en kerkwerkers. Deze serie laat bewust het waarheidsgehalte van de overtuigingen buiten beschouwing en zoomt enkel in op de mogelijke gevolgen. Deze mogelijke gevolgen zijn samengesteld aan de hand van meer dan 1000 reacties en mails van twijfelaars en (ex-)gelovigen. In dit artikel worden de meest genoemde en als ‘klachtengevend’ ervaren gevolgen besproken. Meer info over dit project: >KLIK<

Dit is deel 11. 

 

Angst voor de hel

 

Onder het filmpje de meer uitgebreide tekst.

 

Wanneer je tegen een kind zegt: “als je niet luistert, steek ik je in de fik”, wordt dit gezien als psychische mishandeling. Maar wanneer je tegen een kind zegt: “als je niet naar God luistert, moet je naar de hel”, wordt dit gezien als religieuze opvoeding. Terwijl de gevolgen in de vorm van angst en onveiligheid voor het kind hetzelfde kunnen zijn.

Er zijn veel mensen die verontwaardiging uiten over het opvoeden van kinderen met het idee van (en angst voor) de hel. Zij komen al snel met termen als ‘achterlijk’, ‘liefdeloos’ en ‘kindermishandeling’. En ik kan me deze verontwaardiging goed voorstellen. Ik wil echter graag een nuance maken, waarmee ik niets wil afdoen aan het feit dat kinderen werkelijk voor het leven getraumatiseerd kunnen worden wanneer ze angst voor de hel krijgen aangeleerd.

“De oorlog staat op uitbreken als twee kampen elkaar verwijten niet van hun kinderen te houden.”

Rosanne Hertzberger over het vaccineren van kinderen. Bron: tv-uitzending ‘M’, 21 aug. 2018 NPO 2

 

Kwetsbare, zorgeloze en naïeve kinderen hebben iets puurs en kostbaars. Geen enkele ouder zal het fijn vinden om een kind te moeten waarschuwen voor mogelijke gevaren, omdat daarmee de zorgeloosheid van het kind kan verdwijnen. Wie wil nou tegen een kind zeggen dat het niet met een vreemde mee mag gaan of dat er ongelukken kunnen gebeuren in het verkeer?

En toch zeggen ouders dit. Omdat ze niet willen dat hun kinderen iets vreselijks overkomt. Ouders maken gebruik van de beschermende functie die angst kan hebben. Zij doen dit uit liefdevolle motieven. Ze willen niet dat hun kinderen moeten lijden. Nee, ook orthodox gelovige ouders willen dat niet. Zij zijn niet minder liefdevol en ze zijn eveneens niet achterlijk. Ze beseffen zelfs heel goed dat je kinderen belast met verhalen over zonde, de duivel en de hel. ‘Geloofsopvoeding’ is niet voor niets een hot item bij christelijke ouders. Ze zullen over het algemeen heel zorgvuldig rekening proberen te houden met de leeftijd en gevoeligheid van het kind.

Het verschil met seculiere ouders is niet de mate van liefde voor het kind, maar de levensbeschouwelijke visie.

Soms hebben ouders zelfs geleerd dat alles wat zij zintuiglijk waarnemen minder waarheid in zich draagt dan de leer van de kerk. Mochten ze ooit iets horen of lezen dat tegen deze leer ingaat, dan geloven ze dat dit van de duivel is. Veel orthodox gelovigen menen dat de duivel niets liever heeft dan dat mensen niet in hem of in de hel geloven, want dat maakt dat ze zich van geen kwaad bewust zijn en argeloos in zijn val kunnen lopen.

De angst voor de hel, of hadefobie, kan zeer intens zijn en zelfs een angststoornis worden. Je kunt heftige nachtmerries krijgen. Met name kinderen hebben daarnaast ook te maken met hun sterke verbeeldingskracht. Een man schreef mij eens dat hij als jongetje regelmatig in zijn verbeelding zijn ongelovige buurmeisje had horen krijsen in de hel. Hij vertelde dat hij dit zo echt beleefde, dat hij daar nog altijd nachtmerries over heeft. Bron.

Vooral gevoelige, serieuze kinderen kunnen gekweld worden door angst. Ze denken soms veel na over de hel en leggen daarmee onbewust een angstnetwerk aan in hun hersenen. Ze associëren steeds meer zaken met de hel. Denk bijvoorbeeld aan: vuur, dood, maar ook: gestraft worden, boos kijkende ogen en alleen gelaten worden. Deze zaken kunnen als triggers worden. Het kan zijn dat wanneer een kind op school in de hoek moest zitten, het de nacht daaropvolgend een nachtmerrie heeft over de hel.

Angst voor de hel kan ook (opnieuw) ontstaan na een traumatische gebeurtenis, waarbij een nieuw angstnetwerk wordt gemaakt, dat relatief eenvoudig kan versmelten met de reeds bestaande angstnetwerken. 

Fysiek kan je last krijgen van verhoogde hartslag, verhoogde bloeddruk, zweten, misselijkheid, hyperventilatie en spierpijn vanwege de spanning in diepere spierlagen. Psychisch kan je een intens gevoel van dreiging ervaren, het gevoel dat je gevangen zit in naderend onheil waar je totaal geen controle over hebt en dat uit is op jouw vernietiging. Ook gevoelens van totale desolaatheid komen voor. En daarbij de lijdensdruk dat dit alles jouw eigen schuld is, maakt het haast ondraaglijk. Mensen kunnen depressief raken van angst voor de hel en zelfs een einde aan hun leven willen maken, maar dit – vanwege diezelfde angst-  niet durven (laten) uitvoeren, waardoor ze het gevoel kunnen hebben ‘levend dood’ te zijn.

Angst voor de hel kan zelfs tientallen jaren nadat men stopte te geloven in de hel, nog altijd de kop opsteken. Mensen kunnen op hun sterfbed een intense angst ervaren, maar ook kunnen nachtmerries plotseling voorkomen. Wanneer je in de angst terecht komt, activeert soms het volledige angstnetwerk dat daarmee verweven is en kunnen oude verhalen en gedachten opnieuw angst inboezemen. Ineens herinner je je dat God soms door dromen kon spreken. Wat nou als… deze nachtmerrie door God gezonden is en een aansporing is om je te bekeren? Een intense, kinderlijke angst kan het gevolg zijn.

angstnetwerkAngst voelen betekent vooral dat je angstnetwerk actief is, dat er ‘angstlampjes’ oplichten in je hersenen. De bedrading daarvan komt onder andere uit je jeugd en hoeft niets te zeggen over je huidige toestand. Geconfronteerd worden met deze oude angst, kan je ook zien als een kans om de oude angstbedrading te leren herkennen en begrijpen. Als het je lukt om er met je volledige, zintuiglijke aandacht bij aanwezig te blijven, kan je zien hoe de angst eruit ziet die je als jong kind met je meedroeg. Door ernaar te kijken en door de angst te doorvoelen, kan je het bange kind dat je was en misschien nog altijd bent, erkenning geven, en langzaam maar zeker kalmeren en troosten.

Soms is het nodig om dit onder professionele begeleiding te doen. Traumatherapie kan hierbij zeker helpend zijn en raad ik van harte aan – in een vorm die jou aanspreekt – wanneer je last hebt van angst voor de hel.

Een verslag van een therapiesessie waarbij ‘angst voor de hel’ het onderwerp was, kan je hier lezen: >KLIK<. Triggerwaarschuwing: in dit verslag wordt diep op de angst ingegaan. Het komt echter ook weer goed.

Er zijn helaas nog steeds traumatherapeuten die de ernst van angst voor de hel niet erkennen. Omdat het slechts verhalen en kinderfantasieën zouden zijn, zou er geen sprake kunnen zijn van reële doodsangst. Terwijl iemand die onder schot werd gehouden met een pistool, zonder te weten dat dit een neppistool betrof, wél beschouwd wordt als een persoon met werkelijke doodsangst en daarmee –indien van toepassing – een erkend trauma heeft. Als het blijkbaar gaat om de beleving, dan zou dat ook moeten gelden voor op religie gebaseerde beleving.

Mocht je er niet uitkomen met je (trauma)therapeut, neem gerust contact op. Ik heb vaker met dat bijltje gehakt. 😉

Aanrader: Dvd Verdoemd

 

Is de angst voor de hel voor jou een herkenbare angst? 

Graag ga ik met je in gesprek. En dan niet over de vraag of de hel nou wel of niet bestaat en in welke vorm dan, maar over jouw ervaringen. Werd jij ook met dit idee grootgebracht? Was je bang voor de hel? Had je wel eens nachtmerries? En hoe is dat nu? Ben je nog steeds wel eens bang? Zijn je ideeën over de hel veranderd en hoe beleef je dat? Deel gerust je ervaringen! 

Met alle liefde,

Inge

About Inge Bosscha

Aandachtig, openhartig, (zelf)kritisch en verbindend. Trainer, coach en inspirator. Deskundige op het gebied van (het loslaten van) aangeleerde religieuze dogma's en belemmerende overtuigingen.

11 Responses

  1. Edward

    Beste Inge,

    Je schrijft: “Ouders maken gebruik van de beschermende functie die angst kan hebben”.
    Dat is een vergissing. Angst heeft geen beschermende functie, integendeel. Angst maakt onzeker, blokkeert het denken, verlamt het reactievermogen en verduistert het zicht op de werkelijkheid. Angst is negatief. Angst is gevaarlijk.
    Waarschuwen voor gevaar zonder nadere uitleg, zoals: “Ga nooit met een vreemde mee.” “Kijk uit in het verkeer.” “Die pilletjes zijn niet voor jou. Daar moet je afblijven” Is niet genoeg. Dat maakt kinderen angstig en dus onzeker, want ze leren dat er gevaar dreigt, maar niet wat dat gevaar inhoudt, waar het uit bestaat en hoe het vermeden kan worden.
    Zorgeloosheid is prachtig en zorgeloze kinderen zijn vertederend en dat ouders dat liefst zo lang mogelijk willen vasthouden is logisch, maar de wereld kent nu eenmaal reële gevaren en kinderen moeten daartegen gewapend worden. Dat kan alleen door het ontwikkelen van besef van en inzicht in de aard van die gevaren. Uitleggen dus. Wij hoefden vroeger de huishoudchemicaliën niet buiten het bereik van onze kinderen op te bergen. Ze stonden gewoon in het kastje onder de goorsteen. De kinderen mochten aan de fles wasbenzine ruiken en aan de spiritus. Een minidruppeltje afwasmiddel op het puntje van de tong. We vertelden waar we het voor gebruikten en ze hebben nooit de aanvechting gehad met het spul te gaan experimenteren. Niet uit braafheid, zo braaf waren ze niet, maar uit begrip.

    Nu raken we aan het grotere plaatje.
    Het geloofsprobleem dat al het persoonlijke leed zoals dat o.a. op deze webstek tot uiting komt en dat zo’n enorme, soms rampzalige invloed heeft op de levens van zowel ‘nestverlaters’ als ‘nestblijvers’, overstijgt.
    ‘De kerk’ (Ik zet dat tussen aanhalingstekens, omdat ik hiermee álle religies bedoel, niet alleen het christendom) pikt de aangeboren angsten op, boedt ze, wakkert ze aan en exploiteert ze. En dan hebben we het over niet de angst voor de reële gevaren (risico’s is misschien een beter woord) van het dagelijkse leven, zoals het verkeer, grote hoogten, diepe wateren, schadelijke producten, menselijke kwaadaardigheid enzovoort, maar de vage, gezichtsloze angsten, geworteld in de oeroude menselijke overlevingsinstincten, met als ultieme angst die voor de dood en wat daarna komt.

    Angst is de hefboom waarmee ‘de kerk’ haar gelovigen manipuleert en tot haar willige werktuigen maakt om hele samenlevingen –ook de onze– in gijzeling te houden.

    Deze stelling klinkt overdreven, maar is dat niet. Denk bijvoorbeeld aan wat er gaande is in de Arabische wereld, aan IS, de Jezidi’s, Rohynia. Denk aan antisemitisme, het wereldwijde terrorisme, de gelovige minderheid die Trump aan de macht geholpen heeft, de invloed die deze situatie op onze eigen samenleving heeft, de moeizame discussie over allerlei ethische kwesties in ons eigen land. En nog veel meer.
    Ik breng hem hier ook niet ter sprake als negatieve kritiek zonder meer, maar als argument ter overweging. Om degenen die met zoveel verdriet en pijn afscheid proberen nemen van hun geloof en van hun geliefden een hart onder de riem te steken en om de achterblijvers aan het denken te krijgen.

    Edward

    1. Edward

      “pikt de aangeboren angsten op, boedt ze, wakkert ze aan en exploiteert ze”.
      Hoe dat “boedt ze” hier terechtgekomen is en wat het zou moeten betekenen weet ik zelf niet. negeer het maar.
      Met excuses voor de verschrijving.

      Edward

      1. John Mieras

        Beste Edward, en lezers

        Goed jouw reactie te lezen, bedankt het is duidelijk genoeg maar hier enige aanvulling.

        Inge schrijft: “Ouders maken gebruik van de beschermende functie die angst kan hebben”.

        Zelf moest ik gelijk denken aan een video die ik heb gezien van een klein meisje in Brazilië.

        Er staat KAN hebben!

        In welke context staat dit geschreven?
        Welke angst bedoeld Inge?
        Juist: angst voor de hel, vuur!!! Dood!!!
        Verplaats je in een gelovig persoon en wat wordt er van hen verwacht?

        Iedere ouder wil toch zijn kind beschermen? Het is de angst die een gelovige ouder gebruikt, dat wordt immers van hen verwacht, als “beschermende functie” voor haar kind, dat denken ze tenminste!
        Waarom denken ze dat? Omdat ze zo zijn opgevoed, ze hebben het zo aangeleerd gekregen vanuit hun geloof.

        Dus voor een gelovige ouder,broer en zus, opa en oma, vriend, pastoor of dominee, die haar kind of de kudde wil weiden en beschermen tegen de boze en dodelijke “wolf” die ze Satan hebben genoemd wordt verwacht dat men angsten aan leerd om niet in een vuur verbrand te worden maar om in de gunst te blijven van “Gods liefdevolle herder” om als “schaap” uitzicht te houden op een mogelijke belofte van eeuwig leven.

        Het is gewoon een psychologische reactie in het (kinder) brein op een actie die indoctrinatie heet.

        Vraag: is het normaal, liefdevol of etisch verantwoordt om kinderen angsten aan te leren zodat hun denken wordt verlamd door blootstelling aan kwalijke en bedreigende ideeën van andere mensen?

        Als je eenmaal door hebt hoe het werkt zullen deze angsten verdwijnen.

        Hartelijke groet John

        1. Beste John

          Misverstand:
          Angst KAN NOOIT een beschermende functie hebben, zeker niet als opvoedingshulpmiddel. Inspelen op de angsten van het kind is een pedagogische doodzonde.
          Het is de taak van opvoeers om het kind een veilige omgeving te bieden, opdat het zich kan ontwikkelen tot een stabiele persoonlijkheid met zelfvertrouwen en verantwoordelijkheidsgevoel. Angst veroorzaakt een gevoel van ONveiligheid, dus precies het tegenovergestelde van wat had moeten zijn. En het doet er niet toe om welke angst het gaat. Uiteindelijk komt het altijd neer op angst voor de dood.
          En dit is de angst die door ‘de kerk’ wordt uitvergroot en geëxploiteerd. ‘De kerk’ heeft deze angst een gezicht en een richting gegeven door haar gelovigen op te zadelen met een ‘eeuwige ziel’ (al even onbewijsbaar als ‘god’ zelf) die gedoemd is ten prooi te vallen aan ‘de duivel’, ‘satan’ of ‘het kwaad’, tenzij men het juiste geloof aanhangt en dat standvastig en geheel volgens de juiste leefregels levenslang volhoudt.
          Dat gelovige ouders hun kinderen in deze traditie van gehoorzaamheid en angst opvoeden is logisch en begrijpelijk. Zij doen dat me de beste intenties, want net als niet gelovige ouders houden zij van hun kinderen en hebben ze het beste met hen voor. Zij weten niet beter, want zij zijn zelf ook zo opgevoed net als hun ouders en voorouders gedurende vele generaties.
          Maar dat betekent niet dat zij het goed doen. Mensen die zo zijn opgevoed blijven gehoorzame kinderen die hun zelfvertrouwen en hun verantwoordelijkheidsgevoel ontlenen aan een externe autoriteit, hun ‘god’, ‘allah’, ‘jahweh’, die in hun ‘heilige schrift’ precies beschreven heeft wat ‘goed’ is en wat ‘fout’. Dit is wat zij denken en zij beschouwen dit als de hoogste vorm van moraliteit.
          In werkelijkheid gehoorzamen zij de interpretaties die hun geestelijk leider van willekeurig gekozen tekstfragmenten, als ‘waar’ en ‘gods wil’ aanmerkt. Maar die geestelijk leiders zijn ook maar mensen met hun eigen goede en slechte eigenschappen, hun vooroordelen, dromen en ambities. De geschiedenis van de mensheid heeft al meer dan afdoende laten zien hoe gruwelijk het mis kan gaan door deze instelling.

          Gelovigen hebben een heel verwrongen beeld van moraliteit. Dat kan ze niet kwalijk genomen worden. Ze weten niet beter.
          In kringen van gelovigen betekent moraal gehoorzaamheid aan een ‘alziende, alwetende, almachtige’ externe autoriteit. Het lot van de ‘eeuwige ziel’ na dit aardse leven is in het geding. Maar daar gaat moraliteit helemaal nie over.
          Moraliteit gaat over medemenselijkheid. Over de verantwoordelijkheid van ioeder mens tegenover medemens, samenleving en de wereld in het algemeen.
          Het gaat over de vraag ‘Wat betekent mijn denken en mijn doen voor medemens, samenleving en de wereld.
          Over verdraagzaamheid. Over gelijkwaardigheid. Over de balans tussen egoïsme en altrüisme. Over mens-zijn tussen zijn medemensen. In het klein bij directe contacten en in het groot als lid van de samenleving. In dit aardse leven.
          Kortom, het gaat over het autonome eigen volwassen geweten. Niet over gehoorzaamheid.
          En eeh, of angsten verdwijnen of niet doet niet terzake. ‘De kerk’ houdt de angst voor hel, ‘satan’, en dood heel zorgvuldig in stand met de al eerder genoemde indoctrinatie van wieg tot graf.

          Edward

  2. John Mieras

    Voor allen die geloven en niet geloven in angst voor de hel.
    Wat zijn de gevolgen?

    Inge schrijft:
    Kwetsbare, zorgeloze en naïeve kinderen ………

    En toch zeggen ouders dit. Omdat ze niet willen dat hun kinderen iets vreselijks overkomt. Ouders maken gebruik van de beschermende functie die angst kan hebben. Zij doen dit uit liefdevolle motieven. Ze willen niet dat hun kinderen moeten lijden. Nee, ook orthodox gelovige ouders willen dat niet. Zij zijn niet minder liefdevol en ze zijn eveneens niet achterlijk. Ze beseffen zelfs heel goed dat je kinderen belast met verhalen over zonde, de duivel en de hel. ‘Geloofsopvoeding’ is niet voor niets een hot item bij christelijke ouders. Ze zullen over het algemeen heel zorgvuldig rekening proberen te houden met de leeftijd en gevoeligheid van het kind.

    Het verschil met seculiere ouders is niet de mate van liefde voor het kind, maar de levensbeschouwelijke visie.

    Na dit gelezen te hebben het volgende:
    Deze liefdevolle “gelovige”ouders zijn zeker niet achterlijk, het heeft niet direct iets te maken met Intelligentie.
    Meer met bewust zijn! Zijn “gelovige” ouders zich eigenlijk wel bewust, middels kennis, waarnemen of herkennen van de mogelijke feiten en gevolgen veroorzaakt door hun levensbeschouwende visie, voor hun zelf en hun kinderen als het gaat over “angsten voor de hel”?
    Ja natuurlijk zegt een gelovige dan, want ik ken de bijbel en leef daarna!!!

    Levensbeschouwende visie (lees) kerkelijke en bijbelse dogma’s onderwijs met zijn aangeleerde “angsten” zoals de DOOD door zonde, angst voor de duivel, dood in armageddon, branden in de hel etc.etc. neemt met makkelijk aan en men gaat er zonder meer vanuit dat men zich bewust is van de feiten ook al zijn ze eenzijdig geindoctrineerd op basis van de bijbel of hebben ze juist weinig bijbel kennis.

    Een uitgebreid onderzoek doet men zelden, terwijl er in vele, vele andere situatie’s vaak een uitgebreid onderzoek wordt gedaan voorafgaande aan de beslissing om iets te doen of iets te kopen bijv.
    Het wordt allemaal verwacht van en aangeleerd door de ouders, familie, pastoor of dominee, hun geloof………
    Hoe doet men dat? Een voorbeeld.

    Ongehoorzaamheid aan God, basis bijbel.
    43 Jezus zei: “Als je in de verleiding komt om met je hand iets slechts te doen, hak hem dan liever af. Dan ga je met maar één hand het eeuwigeleven binnen. Dat is beter dan met twee handen in het onblusbare vuur van de hel gegooid te worden. 44 Daar gaan je wormen niet dood en wordt het vuur niet geblust. 45 En als je in de verleiding komt om met je voet iets slechts te doen, hak hem dan liever af. Dan ga je met maar één voet het eeuwige leven binnen. Dat is beter dan met twee voeten in het onblusbare vuur van de hel gegooid te worden. 46 Daar gaan je wormen niet dood en wordt het vuur niet geblust. 47 En als je door iets wat je ziet in de verleiding komt om iets slechts te doen, ruk dan liever je oog uit. Dan ga je met maar één oog het Koninkrijk van God binnen. Dat is beter dan met twee ogen in de hel gegooid te worden. 48 Daar gaan je wormen niet dood en wordt het vuur niet geblust.

    1. Bestaan er nu werkelijk twee plaatsen in de hemel waar je als zondig of als rein mens naar toe gaat als je dood bent?
    Ieder mens heeft zonden! Zelfs de paus als je het laatste nieuws goed hebt gevolgd, dus dat wordt de hel.
    Leeft de ziel voort na de dood? Is dat mogelijk?
    Wat is Ziel een schepsel dat ademt, de traditionele vertaling van het Hebreeuwse nefesj en het Griekse psuche. Uit het gebruik van deze woorden in de Bijbel blijkt dat ze hoofdzakelijk duiden op (1) mensen, (2) dieren of (3) het leven van mensen of dieren.

    Anders dan wat er in veel religieuze contexten met ‘ziel’ wordt bedoeld, duiden nefesj en psuche in de Bijbel, als het om aardse wezens gaat, allebei op iets dat stoffelijk, tastbaar, zichtbaar en sterfelijk is.
    Je kan je ook afvragen bestaat er een ziel, leven of bewustzijn voor de conceptie en geboorte?

    De opvatting omtrent het „hellevuur” is reeds vele eeuwen een basisleerstelling van de rooms-katholieke en andere kerken en zijn geestelijken De rooms-katholieke heilige Hierónymus vertaalde in 383 na Christus vanuit het gewone Grieks Hade (graf) naar het Latijn en gebruikte het woord „infernus”. Dus het graf werd ineens de hel. Er is veel verwarring en misverstand ontstaan doordat de vroege vertalers van de bijbel het Hebreeuwse woord Sjeool en de Griekse woorden Hades en Gehenna ( de Griekse naam voor het Himnomdal ten zuidwesten van het oude Jeruzalem Jer.7:31) met het woord hel of inferno hebben weergegeven.

    Het begrip „hel” heeft altijd verband gehouden met religie. (religie is “iets” wat de mens doet of leert)
    Te beginnen met Jakobs (Gen.37:35) gebruik van het Hebreeuwse woord, komt „Sjeool” 65 maal in de 39 boeken van de geïnspireerde Hebreeuwse Geschriften voor. Het woord werd door de profeet Mozes, door Job, door Samuël, David, Salomo, Jesaja, Jeremia (in Koningen), Ezechiël, Hosea, Amos, Jona en Habakuk gebruikt.

    In “het begin” (Adam en Eva) bestond er geen graf of „hel” inferno Hebreeuwse Sjeool of in het Grieks Hades) op aarde.
    Er was geen begraafplaats die hetzij door God of de mens was gegraven. Het gemeenschappelijke graf van de mens zoals dit thans bestaat, was er toen nog niet. Er bestond toen geen noodzaak voor zo iets, want de Here God had de mensheid niet geschapen om ten slotte hetzij naar de „hel” (Sjeool/Hades) of naar de hemel te gaan.

    De “liefdevolle” God zei in het doodvonnis tot Adam: „In het zweet van uw aangezicht zult gij brood eten, totdat gij tot de aardbodem terugkeert, want daaruit werdt gij genomen. Want stof zijt gij en tot stof zult gij terugkeren” Gen.3:19). Dit was in overeenstemming met de beschrijving van de schepping van de mens, die luidt: „En de HERE God had den mens geformeerd uit het stof der aarde, en in zijn neusgaten geblazen den adem des levens: alzo werd de mens tot een levende ziel” Gen.2:7 Statenvertaling).
    Toen de mens werd geschapen, werd hij een levende menselijke ziel. Bij de dood zou hij dus ophouden een levende ziel te zijn, en er was dus geen ziel die in leven bleef en die bij bewustzijn voor eeuwig in vuur en zwavel gepijnigd zou kunnen worden.

    Bijbelvertalers hebben dat woord Sjeool en Hades niet op uniforme wijze in hun diverse bijbels en talen weergegeven.
    In de Statenvertaling wordt Sjeool drieëndertig keer met hel en tweeëndertig keer met „het graf” weergegeven. Iedere redelijke persoon zal daarom moeten toegeven dat de woorden „hel” en „het graf” in de geïnspireerde Hebreeuwse Geschriften precies hetzelfde betekenen. En ze houden helemaal geen verband met vuur, zwavel en eeuwige pijniging. De Hebreeën, de joden zelf, moeten toch wel weten wat hun eigen woord Sjeool betekent, en in de joodse vertaling van de Pentateuch door J. Vredenburg (1898 G.T.) wordt het woord dan ook weergegeven met „het graf”.
    Merk echter op dat Sjeool niet „een graf” betekent. Het betekent „het graf”.

    De rooms-katholieke geestelijken en andere kerken en religies hebben in de geest van hun kerkmensen een beeld gevormd van wat naar hun begrip de „hel” of het „inferno” is. Het is een verschrikkelijk beeld wat héél veel angsten veroorzaakt. Tot op heden vandaag hun lange tijd geleerde denkbeeld omtrent de „hel” of het „inferno” stoelt op de leerstelling die zij onderwijzen omtrent de menselijke ziel. Zij menen dat de menselijke ziel iets is wat apart en onderscheiden van het menselijke lichaam is. Ook menen zij dat, hoewel het menselijke lichaam sterfelijk en vergankelijk is, de menselijke ziel onsterfelijk en onvergankelijk is.
    Daarom zeggen de geestelijken dat wanneer het menselijke lichaam sterft, de menselijke ziel niet sterft maar blijft leven,
    Men denkt: Aangezien de ziel nu het lichaam waarin ze heeft gewoond, moet verlaten, moet ze ergens naar toe gaan in de onzichtbare geestenwereld. Maar waarnaar toe? Eenvoudig gezegd gaan de goede zielen naar de hemel, maar gaan de slechte zielen naar de hel.

    Wat is de brandstof of energie gever voor een goede of slechte “ziel” het menselijke leven, het bewustzijn en vermogen van waarneming, voelen en lijden die zou voortleven als men dood is?
    Als we dood gaan stopt het hart met kloppen een logisch gevolg is dat de hersenen (via lichaam bewustzijn) ook dood gaan want via het bloed krijgen ze geen zuurstof meer, je bewustzijn stopt doordat het geen zuurstof of en brandstof meer krijgt, niemand kan dan meer nadenken of pijn vreugde en emotie’s voelen. Het is min of meer vergelijkbaar met de situatie van voor je geboorte, je bestond nog niet, je kon niets voelen of nadenken over iets zodat je pijn of vreugde voelt. Je beleving en bewustzijn bestond (nog) niet. Een zelfde situatie ontstaat als je door een ongeluk in coma raakt, je hart klopt nog en je hersenen krijgen zuurstof echter je bent je totaal niet bewust dat je leeft, voelt ook geen pijn en verdriet of vreugde. Bij de dood stopt alle leven en besta je gewoon niet meer dus géén waarneming van pijn,vreugde of emotie.

    Volgens de geestelijken bevindt er zich vuur en zwavel in de hel. Eeuwenlang hebben de geestelijken en kerken een dergelijk begrip omtrent de „hel” geleerd. Aangezien zij beweren dat zij hun leer omtrent de „hel” uit de bijbel halen, moeten wij ons rechtstreeks tot de bijbel zelf wenden om te weten te komen wat daarin precies over dit onderwerp wordt gezegd. O ja, het woord „hel” of „inferno” komt in diverse bijbelvertalingen inderdaad tientallen malen voor, en volgens die vertalingen leert de bijbel inderdaad dat er een „hel” is.

    Maar waar het om gaat is: Wat zeiden en toonden de eerste schrijvers van de bijbel dat deze „hel” is? Wij moeten afgaan op de voorstelling die zij van het hel (graf) gaven in de taal die toen werd gebruikt het Hebreeuws en Aramees, en niet op datgene wat naar de mening van anderen door die bijbelschrijvers werd bedoeld en vertaald. Toen zekere Grieks-sprekende joden uit Alexandrië (Egypte) dan ook omstreeks 280 v.Chr. de geïnspireerde Hebreeuwse Geschriften in het algemene Grieks begonnen te vertalen en een aanvang maakten met wat nu de Griekse Septuagintavertaling wordt genoemd, gebruikten zij het woord Hades als vertaling van het Hebreeuwse woord Sjeool.
    Toen zij derhalve de woorden van de patriarch Jakob in Gen.37:35, 42:38 en 44:29,31 vertaalden, gebruikten zij het woord Hades voor datgene wat Jakob zei als aanduiding van „het graf” en niet van Homerus’ valse denkbeeld omtrent Hades = INFERNO.

    Wij zijn bedrogen doordat het Hebreeuwse woord Sjeool vertaald is naar het Griekse woord Hades en daarna door Hierónymus in 383 na Christus veranderd in INFERNO.
    En dat gebeurt nu al duizenden jaren.
    Christelijke groeperingen die in een onsterfelijke ziel geloven, hebben deze lering niet uit de Bijbel maar uit de klassieke Griekse filosofie, De Grote Winkler Prins zegt: „De Bijbelse antropologie maakt geen scheiding tussen lichaam en ziel als tussen twee afzonderlijke elementen.” Ook zegt de Encyclopædia Britannica: „De christelijke denkbeelden van een dichotomie [tweedeling] van lichaam en ziel vonden hun oorsprong bij de oude Grieken.”

    Wanneer Jezus Christus dus het woord Hades gebruikt, duidt dit woord niet op een plaats van eeuwige, vurige pijniging. Maar op het graf.
    Blijven de doden in Hades=Hel of inferno? Neen. Jezus zelf was in Hades, ofte wel de hel=inferno, maar werd „op de derde dag . . . opgewekt”, zoals zowel de geloofsbelijdenissen van de kerken als de bijbel leren 1 Kor.15:4, Han. 2:29-32 en Ps.16:10.

    Of je nu wel of niet geloofd in de bijbel, de bangmakerij met eeuwige dood en een hel met vuur is dus lariekoek, de bijbel leert dus géén inferno.
    Commentaar welkom, Hartelijke groet John Mieras

  3. John Mieras

    Hey Edward, wat heb je dat mooi uitgelegd en dit duidelijk omschreven, herkenbaar voor iedereen. Ik ben geen psycholoog en als het over angsten gaat raak je de kern van de zaak en leg je de vinger precies op de zeere plek. Angsten zijn dus eigenlijk alarm signalen die een oorzaak hebben en ons vertellen dat er iets niet klopt! Succes verder en bedankt voor je uitleg. Groet John

    1. Edward

      Klopt helemaal John,
      Angst is een alarmsignaal.
      En het triggert het sterkste van onze oerinstincten: Het vlucht-of-vecht-instinct. Dankzij de permanente indoctrinatie (die echt niet ophoudt als het kind eenmaal als volwassen beschouwd wordt) staat de gelovige dus constant in de vlucht-of-vecht-modus en volgt hij blindelings zijn geestelijk leider, die, met de ‘heilige schrift’ in de hand, naar een levensgroot fata morgana wijst en luidkeels roept: ”Dit is de Weg! Daar is de Verlossing! Ik ken de Waarheid! Volg mij naar de Eeuwige Gelukzaligheid!”
      Hoe moeilijk het is van die weg af te stappen kunnen velen op deze webstek uit eigen ervaring getuigen.

      Edward

  4. Suus

    Wat een super aanvulling bovenstaande reacties op het artikel van Inge! Ik herken het ook die angst. Vreselijk hoe dat nog zo actueel is binnen de geloofsopvoeding. Verschrikkelijk hoe onschuldige kinderen worden geïndoctrineerd met zoveel angst, zorgen en gevangen/beperkt worden om van het leven te kunnen genieten… Doet me echt pijn en daarom zoveel aversie tegen geloofsopvoeding: het al voor je kind bepalen wat het moet geloven, hoe het zijn of haar leven moet leven, etc., terwijl zelf velen het ook niet eens zeker weten en maar blindelings ‘iets’ volgen… Bizar! Zou verboden moeten worden, elk kind heeft recht op vrijheid en zich zo te ontwikkelen dat hij of zij gelukkig is en zelf zijn of haar keuzes maakt!

  5. John Mieras

    Religie heeft mensen er echt van overtuigd dat er een onzichtbare man bestaat die hoog in de hemel woont , die toekijkt en alles weet en controleerd bij alles wat je doet, elk moment van de dag.En die onzichtbare man heeft een speciale lijst van tien dingen en die tien dingen mag je absoluut niet doen van hem.En als je een van die dingen wel doet,dan heeft hij een speciale plek gemaakt,vol vuur en rook met brandende zwavel, veel pijn en angst zal je hebben, en daar stuurt hij jouw dan heen,om daar verder te leven en te lijden en te branden, te gillen en te huilen tot het einde der tijden………Maar Hij houdt van je!
    George Carlin

  6. John Mieras

    Het is weer bijna Halloween…..

    Hell house https://nl.wikipedia.org/wiki/Hell_house

    Een Hell house is een typisch Amerikaans fenomeen, waarbij fundamentalistische christenen elk jaar in oktober (vlak voor Halloween) een soort spookhuis maken. Daarin laten ze laten zien welk onheil volgens hen zondaars staat te wachten. Dit laten ze zien door middel van kleine toneelstukjes, waarin de nadruk ligt op de straffen die er voor verschillende zondes uitgedeeld zouden worden in het hiernamaals, namelijk de verschillende folteringen in de hel.

    Zaken die in een Hell house doorgaans als zonden worden veroordeeld, zijn abortus, homoseksualiteit, zelfmoord, het gebruik van alcohol of drugs, overspel, seks voor het huwelijk, occultisme en verkeerde (satanistische) rituelen. Het geloof in Christus wordt voor al die gevallen als de enige redding gepresenteerd.

    Het begrip Hell house bestaat sinds het einde van de jaren zeventig. De bedenker ervan is Jerry Falwell, een Amerikaanse evangelische prediker en oprichter van de fundamentalistische Liberty University.

    In de media
    In 2001 verscheen er een documentaire van George Ratliff op dvd, genaamd “Hell House”, waarop de organisatoren van één zo’n spookhuis – jonge leden van de Trinity Church (Assemblies of God) in Cedar Hill, Texas – gevolgd worden tijdens de bouw, invulling, rolverdeling en repetities voor de uitvoering ervan.

    Het Hell house is ook één van de onderwerpen die ter sprake komen in de documentaire The Root of all Evil?, die Richard Dawkins gemaakt heeft voor het Britse Channel 4.

Laat een reactie achter bij John Mieras Reactie annuleren