Dit artikel maakt deel uit van een serie over aangeleerde, op religie gebaseerde, belemmerende overtuigingen en de mogelijke gevolgen die deze kunnen hebben. Doel van deze serie is: herkenning en erkenning. Doelgroep: (onbewust) betrokkenen /slachtoffers (zowel gelovig als niet meer gelovig), therapeuten en kerkwerkers. Deze serie laat bewust het waarheidsgehalte van de overtuigingen buiten beschouwing en zoomt enkel in op de mogelijke gevolgen. Deze mogelijke gevolgen zijn samengesteld aan de hand van meer dan 1000 reacties en mails van twijfelaars en (ex-)gelovigen. In dit artikel worden de meest genoemde en als ‘klachtengevend’ ervaren gevolgen besproken. Meer info over dit project: >KLIK<
Dit is deel 8.
Geestelijke strijd
Voor degenen die liever een filmpje kijken, klik op onderstaande afbeelding om naar de vlog te gaan. (Je kunt je eventueel ook gelijk aanmelden op het Dogmavrij Youtube kanaal als volger.)
Ik weet nog hoe ik als 5-jarige tegen onze oppas zei dat ze heel erg had gezondigd, omdat ze ‘goh’ had gezegd. Ook las ik mijn ongelovige buurmeisje regelmatig voor uit de kinderbijbel. Ik voelde me enorm verantwoordelijk. Wanneer iemand iets deed waarvan ik dacht dat het ‘van de duivel’ was, móest ik daar iets van zeggen, want anders voelde het alsof ik erin mee zou gaan. ‘Wie niet voor mij is, is tegen mij.’ Elke gebeurtenis en elke persoon deed mee in de geestelijke strijd. Ik moest voortdurend alert zijn.
Ter illustratie een bijbeltekst, waarin wordt aangespoord om vooral te waken en jezelf te wapenen tot de strijd:
“Stelt u dan op, uw lendenen omgord met de waarheid, bekleed met het pantser der gerechtigheid, de voeten geschoeid met de bereidvaardigheid van het evangelie des vredes; neemt bij dit alles het schild des geloofs ter hand, waarmede gij al de brandende pijlen van de boze zult kunnen doven; en neemt de helm des heils aan en het zwaard des Geestes, dat is het woord van God. En bidt daarbij met aanhoudend bidden en smeken bij elke gelegenheid in de Geest, daartoe wakenende met alle volharding en smeking voor alle heiligen.”
Efeziërs 6:14-18
De meesten van ons leerden waarschijnlijk dat elk mens of bij God of bij de duivel hoorde. Je had schapen en wolven. De schapen waren ‘binnen’ en de wolven ‘buiten’, op weg naar de hel. Maar er waren ook nog de wolven in schaapskleren. En je had geen idee wie dat waren. Dat konden je ouders zijn, je broertje of zusje.. misschien was je het zelf wel. Je moest in elk geval voortdurend uitkijken dat je niet in de greep kwam van de duivel, die rondging als een briesende leeuw, zoekende wie hij kon verslinden. Dat betekende dat de dreiging overal was. Niet zomaar dreiging, doodsdreiging! Eeuwige doodsdreiging zelfs. Ten diepste kon je niemand vertrouwen, ook jezelf niet. Wie meent te staan, ziet toe dat hij niet valle.
Deze chronische argwaan naar alles en iedereen kan ervoor zorgen dat je later in je leven nog steeds moeite hebt met vertrouwen in het algemeen of zelfs extreem wantrouwig of paranoïde bent. Ook kan het zijn dat je moeilijk kunt ontspannen.
Wanneer je je bevindt in een voortdurende staat van oorlog, kan je ook te maken hebben met de stress die daarbij hoort. Elk moment kon immers iets gebeuren dat levensbedreigend was. Deze staat van zijn kan tot chronische spanningsklachten leiden, zoals uitgeputte bijnieren (omdat ze voortdurend stresshormoon uitscheiden) en verzuurde spieren in het hele lijf, vanwege de chronische spanning in diepere spierlagen. En omdat ook je denken besmet kon raken met het kwaad, kan je ook psychisch overbelast raken, omdat je voortdurend in verhoogde staat van paraatheid bent.
Is dit herkenbaar?
Graag ga ik met je in gesprek over wat opgroeien met het idee dat alles en iedereen onderdeel is van een geestelijke strijd met jou heeft gedaan en of de door mij genoemde gevolgen herkenbaar voor je zijn. Heb je misschien gevolgen ontdekt die ik niet noem? Deel dit dan gerust in een reactie onder deze blog. Laten we samen de religieuze blauwdruk ontrafelen!
Met alle liefde,
Inge

