Universele twijfel


Wanneer je het geloof dat je bijgebracht werd, hebt losgelaten, dan valt er zeer veel weg. Het kan zelfs lijken alsof je je fundament kwijt bent, je houvast, je basis. Dit gevoel is vaak nog ingrijpender bij degenen die ook het geloof in God zijn kwijtgeraakt.
Een enorm gevoel van desillusie kan zich van je meester maken. Blijkbaar is het dus mogelijk om keihard te geloven in iets dat misschien niet eens bestaat. Wat weet je nu nog zeker?

Ik merk dat ik enorm sceptisch geworden ben. Sinds ik ervaren heb dat je eigen gedachten je een loer kunnen draaien en je wellicht altijd bewijzen vindt voor waar je zelf in gelooft, weet ik niets meer zeker.

Eén of andere vage remedie tegen klachten? Aan mij niet besteedt. Meestal kunnen er een paar dingen gebeuren, zo wordt je van tevoren verteld. Je begint het te gebruiken en je merkt echt verbetering: het werkt! (Kom vooral terug voor meer van dit middel.) Je begint het te gebruiken en je gaat juist achteruit: het werkt! Je lijf reageert er heftig en met verzet op, maar zal dit verzet spoedig opgeven. (Kom vooral terug voor meer van dit middel.) Je begint het te gebruiken en er gebeurt niets? Oh, dan heb je toch één van de andere middeltjes nodig die de genezer toevallig ook in huis heeft. Soms is het even zoeken tot je het juiste middel gevonden hebt. (Kom vooral terug voor steeds weer een nieuw middel.) Hoop doet leven, maar hoop heeft soms wel een hoge prijs.

Wetenschap? De wetenschap herziet zichzelf voortdurend en dat is niet voor niets.
Ik luister soms met verbazing naar natuurdocumentaires.

En hier zien we de zeldzame oeloeboeloe vis het paringsritueel uitvoeren. Eerst lokt het vrouwtje met een gele vloeistof uit haar bek het mannetje dat vervolgens in staat van opwinding komt.

Hoe weten we dat nou? Misschien denken we alleen maar dat die oeloeboeloes op die manier paren en blijkt na jaren ineens dat het per ongeluk heel iets anders was. Dat de vrouwtjes last hadden van het lozen van gifstoffen een eindje verderop en daarom gewoon steeds moesten kotsen. En dat die vermeende staat van opwinding bij de mannetjes alleen maar nieuwsgierigheid bleek te zijn. Of leedvermaak. (En dat vissen dat dan blijken te kunnen ervaren.) Hoe kunnen we nou weten of dieren aan het spelen of aan het vechten zijn en of ze krijsen van pijn of om iets anders? We kunnen toch alleen maar met ons mensenbrilletje kijken?

Is de wereld gewoon een planeet of is zij ‘moeder Aarde’of ‘Gaia’?
Afhankelijk van hoe je tegen dingen aankijkt, ervaar je deze heel verschillend.

Is de lucht echt wel blauw? Of hebben wij toevallig allemaal een lens dat rood als blauw waarneemt?
Klopt de meetapparatuur wel van wetenschappers? Kloppen de basisaannames wel?

Als ik een engel zie… is er dan wel een engel? Of is het mijn bewustzijn, dat zich zonder het vertrouwde geloof in een persoonlijk God misschien soms wat verweesd voelt en gewoon iets prettigs creëert met mijn, wellicht onder invloed van een kinderbijbel-jeugd, overontwikkeld denkbeeldig vermogen?

Ik wil natuurlijk niet zeggen dat ik daar een antwoord op heb, want dat heb ik dus niet. Ik wil alleen maar laten zien dat ik eigenlijk alleen maar vragen heb.

“Je zou dat boek eens moeten lezen!” Ja.. en dan? Brengt dat boek mij dichter bij God? Bij de waarheid? Of bij de mening van de schrijver?

Wanneer je niemand meer gezag geeft in je leven en wanneer je je eigen gedachten in twijfel trekt, dan weet je dus niks meer zeker. Ik vind dat prima. Het voelt vrij en eerlijk en openminded. Maar ook een beetje alsof ik overal op de drempel blijf staan en nergens meer bij pas. Ik sta overal. En nergens.

En het deed me toch wel deugd dat ik dankzij jullie mailtjes kon lezen dat ik niet de enige ben die zo’n ongedefinieerd plekje heeft! Wat fijn om te weten dat er meer mensen bekend zijn met, en het prima vertoeven vinden op, deze plek!

Iemand wat drinken?


Lees hier verder:

Hulp nodig?


8 Responses

  1. Piet Kok

    De oeloeboeloe vis. Wat een mooi voorbeeld van beïnvloedbare waarneming. Alle waarneming is beïnvloedbaar. Het is al lang bewezen dat je jezelf compleet voor de gek kunt houden door bepaalde “waarheden” als mantra te herhalen. En dat is precies waar het in religies om draait. Het herhalen van mantra’s. Indoctrinatie van de geest. Het is zo verschrikkelijk moeilijk om daaraan te ontsnappen. Om jezelf het recht te gunnen te gaan twijfelen. Om open-minded te zijn. Gelovigen zullen altijd zeggen dat twijfel bij het geloof hoort. Dat twijfelen goed is. God is immers ongrijpbaar en mysterieus. Dat is mij tenminste altijd voorgehouden. Ik twijfel niet (meer). Heb gewoon mijn kop helemaal leeggemaakt, en ben heel nuchter en onbevooroordeeld naar de wereld gaan kijken. Heb alles in het -volgens mij- juiste perspectief geplaatst, en kwam tot de ontdekking dat het volstrekt onlogisch zou zijn dat er een soort van goddelijke entiteit zou bestaan. Dat de “heilige” boeken door een hogere macht zouden zijn geïnspireerd. Dat ze de gedachten en gevoelens van een “God” zouden zijn. Als je heel nuchter naar de teksten kijkt, dan kun je onmogelijk tot die conclusie komen. Kijk je bovendien naar de tijd en de omgeving waarin de bedoelde werken tot stand zijn gekomen, dan zouden er vele alarmbellen af moeten gaan. Niemand zal ooit kunnen bewijzen dat er geen God bestaat. Het omgekeerde ook niet. Maar als er een God zou bestaan. Waarom kent die dan menselijke emoties als boosheid en zelfs wreedheid. Is dat niet aan mensen voorbehouden? Is dat geen reflectie van de menselijke geest? En waarom is die dan zo ijdel? Moeten we hem en alleen hem aanbidden? Is ijdelheid niet ook een menselijke eigenschap? Nee. Mijn twijfel bestaat al heel lang niet meer. En als er een god bestaat, dan zal deze het me niet kwalijk nemen dat ik afgaande op de mij beschikbare informatie zijn bestaan ooit heb betwist. Want zeg nou zelf: het rammelt toch aan alle kanten…….

  2. Arjan

    Piet klok, ik ben het helemaal eens met je reactie.

    En Inge dat overal op de drempel blijven staan herken ik. Maar het zou misschien wel fijn zijn meer verbonden te zijn.

    1. Haha, leuk! 😀

      Wat wil je hebben? Wodka? Rum? Port?
      (Hehehe, het is nu 12:38 uur. Echt tijd voor sterke drank. 😛 )
      Ik heb ook koffie, thee en water. Met citroen? Honing? Kaneel?

      Cheers!

  3. Piet van Dijk

    Toch moeten we het christelijk geloof niet helemaal afbranden. Ik was vroeger oprecht blij en vond het heerlijk om God te loven voor de schepping en het mooie leven. Was dat een leugenachtig, opgelegd en voorgekauwd geloof? Ik voelde dat het uit mezelf kwam. Ergens wil een mens zijn dankbaarheid kwijt, bv na de geboorte van een baby. Laten we het geloof respecteren, wat Inge ook doet, maar niet afbranden. Laten we vooral menselijk blijven.

  4. Jaap

    Terecht wees de Volkskrant er dit weekend op, naar aanleiding van de herziene NBV, dat de Bijbel sowieso ongrijpbaar is en geloof in principe dus simplistisch. Dat laatste is op zich charmant, want inclusief, maar die ongrijpbaarheid wordt zelden erkend. Ik heb dus na vijfenveertig jaar in de kerk nog steeds nauwelijks een idee wat ik precies geloof – ja, het goede en liefde en zo – maar tegelijk is het geloof wie ik ben (geworden) en daarmee ook het kanaal voor gelukservaring als ik zing, dus zit ik vooral in de kerk omdat ik zing. Die conclusie trok ik na een geloofscrisis met trekjes van depressie. Feelgood, dus oppervlakkig, maar het is mijn sterkste motief, dus ik streef ook naar wat leven, voelen en denken buiten de bubbel en de comfort zone, dus toch dat simplistische geloof én de theologie. En zo voed ik dan ook maar mijn kinderen op. Mijn vrouw (domineesdochter) heeft die keus al op haar dertiende gemaakt, toen ze op naar de middelbare school ging, maar ik ben opgegroeid (en zit nog steeds min of meer) in de refozuil.

  5. Edward Apcar

    Eigenlijk wilde ik op de berichten van Piet van Dijk en Jaap reageren, maar gaandeweg werd het een opstel dat los staat van hun berichten/.

    Ik schrijf dit niet om te shockeren of te kwetsen. Ik hoop hiermee een andere invalshoek naar voren te brengen. Een invalshoek die dat geloofsverlaters en twijfelaars misschien kan helpen bij hun overwegingen.

    Het geloof, en dan niet alleen het christelijk geloof, moet, in tegenstelling tot wat de heer Van Dijk stelt wel degelijk tot de grond toe afgebrand worden. Het is een ernstige beperking van het vrije denken van de individuele gelovige en een loodzware sleeprem op de ontwikkeling van de beschaving. Het geloof doet (veel) meer kwaad dan goed.

    Ooit, in de prille jeugd van de menselijke soort was “magisch denken”, het geloof in hogere machten, “goden”, “demonen’, “geesten”, een slimme en effectieve manier van denken om de mens de moed en het vertrouwen te geven die onbegrepen en angstaanjagende wereld waarin hij leefde tegemoet te treden. Als je je maar deemoedig opstelde, de juiste offers bracht, de goede rituelen verrichtte, deden ze je geen kwaad. Ze konden er zo zelfs toe gebracht worden je te helpen bij de jacht of tegen je vijanden.
    Dit oorspronkelijk animistische geloof, waarbij die bovennatuurlijke entiteiten aan stoffelijke zaken zoals planten, dieren en de natuurverschijnselen van deze wereld gebonden waren, evolueerde in de loop van de millennia eerst naar natuurgodsdiensten, waarin de ‘geesten” en “goden” zich langzamerhand ontwikkelden tot abstracte entiteiten. Zo creëerden de vele volkeren en culturen allemaal hun eigen mythologieën met een veelheid aan goden en geesten, met dappere helden en vileine schurken . Allemaal verschillend, maar ook allemaal hetzelfde.. Allemaal met een scheppingsverhaal. Allemaal met een hiërarchie van goden en halfgoden, sommige welwillend en rechtvaardig, andere vals en boosaardig. Kortom “naar het leven getekend”. Helemaal gevormd naar de cultuur waar ze ontstonden.

    Door allerlei oorzaken verwaterden deze mythologieën en degenereerden tot lekker spannende verhalen voor bij de haard op koude winteravonden of studiemateriaal voor cultuurhistorici.
    Slechts een handjevol behield zijn invloed op de samenleving waarin zij was ontstaan of wist die door actieve (vaak gewelddadige) promotie uit te breiden. De moderne abrahamitische stromingen zijn nu de belangrijkste met wereldwijd de meeste invloed.
    Maar het is nog steeds hetzelfde magisch denken dat onze verre voorouders zo goed hielp die angstaanjagende wereld waarin ze leefden te confronteren, echter nu ontaard tot een ordinair machtsinstrument dat angst kweekt onder het mom van hoop, onverdraagzaamheid onder het mom van liefde, oorlog onder het mom van vrede, gehoorzaamheid eist onder het mom van vrijheid.
    Het claimt de hoogste morele standaard te zijn, maar brengt de gelovige tot immoreel gedrag, variërend van eenvoudige vooroordelen en respectloos gedrag tot de meest weerzinwekkende wreedheden. Het geloof pretendeert beschaving te brengen, maar blokkeert de ontwikkeling ervan en vernietigt die van andersdenkenden.

    Voor alle duidelijkheid: Ik heb het niet ove de gewone gelovige. Dat zijn meestal eerlijke , liefdevolle, goedbedoelende mensen, maar hun denken is door een levenslange, vaak al generaties durende intensieve indoctrinatie bijna onherstelbaar verminkt. Zij zijn slachtoffer.
    Het gaat mij om het fenomeen “geloof” en de organisaties die het in stand houden en hen die ervan profiteren en die geen respect hebben voor andersdenkenden en het daarom ook zelf niet verdienen.

    Edward

Jouw reactie kan anderen tot steun zijn.