Wat is een agnost?

Wat is een agnosticus?

Een agnost is van mening dat het onmogelijk is om de waarheid te kennen omtrent de zaken waar het Christendom en andere religies zich mee bezig houden, zoals God en het hiernamaals. Of, zo niet onmogelijk, in ieder geval onmogelijk op dit moment.

Zijn agnostici atheïsten?
Nee. Een atheist, net als een Christen, huldigt het standpunt dat we kunnen weten of er wel of geen God is. De Christen is van mening dat we kunnen weten dat er een God is; de atheïst, dat we kunnen weten dat er die er niet is. De agnost stelt zijn oordeel uit, zeggende dat er niet voldoende bewijs is, noch voor bevestiging, noch voor ontkenning. Tegelijkertijd kan een agnost zeggen dat het bestaan van God, ook al is het niet onmogelijk, heel erg onwaarschijnlijk is; hij kan zelfs zeggen dat het zo onwaarschijnlijk is dat het niet eens de moeite waard is om de mogelijkheid te overwegen. In dat geval is hij niet ver verwijderd van het atheïsme.

Hij kan de houding hebben zoals een behoedzame filosoof zou hebben ten opzichte van de goden van het oude Griekenland. Als iemand mij zou vragen om te bewijzen dat Zeus, Poseidon, Hera en de rest van de Olympische goden niet bestaan, dan zou ik daarvoor geen doorslaggevende argumenten kunnen vinden. Een agnost kan vinden dat de christelijke God even onwaarschijnlijk is als de Olympische goden; in dat geval is hij, praktisch gezien, gelijk aan de atheïsten.

Omdat u ‘God’s wet’ ontkent, welk gezag erkent u als leidraad?
Een agnost accepteert geen ‘gezag’ op de manier waarop religieuze mensen dat doen. Hij is van mening dat mensen zichzelf moeten leiden. Natuurlijk zal hij proberen te profiteren van de wijsheid van anderen, maar hij zal voor zichzelf moeten uitmaken welke mensen hij wijs acht, en hij zal wat zij zeggen niet als onbetwistbaar beschouwen. Hij zal opmerken dat wat door moet gaan voor ‘God’s wet’ varieert van tijd tot tijd. De Bijbel zegt zowel dat een vrouw niet mag trouwen met de broer van haar overleden echtgenoot, en dat in bepaalde omstandigheden zij dit wel moet doen. Als je de pech hebt dat je een kinderloze weduwe bent met een ongetrouwde zwager, is het logischerwijs onmogelijk om te voorkomen dat je ongehoorzaam bent aan God’s wet.

Hoe weet u wat goed en wat slecht is? Wat verstaat een agnost onder ‘zonde’?
De agnost is niet zo zeker als sommige Christenen als het gaat om de vraag wat goed is en wat kwaad is. Hij is niet van mening dat, zoals de meeste Christenen in het verleden geloofden, dat mensen die het oneens waren met de regering als het ging om duistere theologische dogma’s, een pijnlijke dood moesten sterven. Hij is tegen vervolging, en voorzichtig met morele veroordelingen.
‘Zonde’ vindt hij geen nuttig concept. Hij geeft uiteraard toe dat sommige gedragsvormen wenselijk zijn, en sommige onwenselijk, maar hij vindt dat de bestraffing van de onwenselijke gedragingen alleen aanbeveling verdient als het afschrikt of tot gedragsverandering leidt, en niet als het enkel en alleen is opgelegd omdat men het als een deugd beschouwt wanneer de zondaars lijden. Het was dit geloof in wraakzuchtige bestraffing, dat mensen er toe bracht om de hel te accepteren. Dit is gedeeltelijk de schade die het concept ‘zonde’ ons heeft gebracht.

Doet een agnost alles waar hij zin in heeft?
Aan de ene kant, ja; aan de andere kant doet iedereen waar hij zin in heeft. Stelt u zich bijvoorbeeld eens voor dat u iemand zo erg haat dat u hem zou willen vermoorden. Waarom doet u het niet? U zou kunnen reageren: ‘Omdat religie mij vertelt dat moord een zonde is.’ Maar als we het statistisch bekijken, zullen we zien dat agnostici niet meer moorden plegen dan anderen, in feite zelfs minder. Zij hebben dezelfde motieven voor het zich onthouden van moord dan andere mensen hebben. Verreweg de allersterkste van deze motieven is de angst voor straf. Bij wetteloze omstandigheden, zoals tijdens een goudkoorts, zullen allerlei soorten mensen criminele feiten plegen, ook al zouden ze in normale omstandigheden gezagsgetrouw zijn. Er is niet alleen de feitelijke juridische straf; er is het onbehaaglijke en beangstigende gevoel dat u ontmaskerd kunt worden als dader, en de eenzaamheid door het besef dat u de daad geheim moet houden om te voorkomen dat u gehaat zult worden; zelfs voor uw beste vrienden zult u een masker moeten dragen. En dan is er nog het ‘geweten’: Als u ooit diep heeft nagedacht over de gevolgen van het plegen van een moord, dan zou u huiveren voor de verschrikkelijke herinnering aan de laatste momenten van uw slachtoffer of het levenloze lichaam. Dit alles is het gevolg van het feit dat u opgegroeid bent in een gezagsgetrouwe gemeenschap, maar er is een overvloed aan seculiere redenen voor het creëren en behouden van zo’n gemeenschap.

Ik zei al dat, op een andere manier, iedereen doet wat hij wil. Niemand behalve een dwaas geeft zich over aan iedere impuls, maar een verlangen wordt altijd in bedwang gehouden door een ander verlangen. Iemands asociale wensen kunnen worden beteugeld door het verlangen om God te behagen, maar ze kunnen even goed worden beteugeld door het verlangen om vrienden te behagen, of om het respect te winnen van de gemeenschap, of doordat hij graag in staat wil zijn om zonder afschuw over zichzelf na te kunnen denken. Maar als hij niet zulke wensen heeft zullen de abstracte concepten over moraal alléén, hem niet op het rechte pad houden.

Hoe beschouwt een agnost de Bijbel?
Een agnost kijkt op precies dezelfde wijze naar de Bijbel als verlichte theologen dat doen. Hij gelooft niet dat het boek goddelijk geïnspireerd is; hij beschouwt de oude verhalen als mythen die niet geloofwaardiger zijn dan die van Homerus; soms vindt hij het morele onderricht in het boek goed, maar vaak ook heel slecht. Bijvoorbeeld: Samuel gaf Saul als opdracht om niet alleen alle mannen, vrouwen en kinderen te doden, maar ook alle schapen en ander vee. Saul liet echter de schapen en het vee leven, en om deze reden wordt ons verteld dat we hem moeten veroordelen. Ik ben nooit in staat geweest om Elisa te bewonderen omdat hij de kinderen vervloekte die hem uitlachten, of om te geloven (wat de Bijbel beweerd) dat een rechtvaardige God twee berinnen zou sturen om de kinderen te doden.

Hoe beschouwt een agnost Jezus, de maagdelijke geboorte en de drie-eenheid?
Omdat een agnost niet in God gelooft, gelooft hij ook niet dat Jezus God was. Veel agnostici bewonderen de manier van leven en het morele onderricht van Jezus zoals beschreven staat in de evangeliën, maar niet meer dan die van sommige andere mensen. Sommigen zouden Hem op één lijn stellen met iemand als Boeddha, sommigen met Socrates, en anderen met Abraham Lincoln. Ook vinden zij niet dat Zijn woorden niet ter discussie mogen staan, omdat zij geen enkele autoriteit als absoluut accepteren.

Zij beschouwen de maagdelijke geboorte als een doctrine die overgenomen is vanuit heidense mythen, waar dergelijke geboorten niet ongewoonlijk waren. (Van Zoroaster werd gezegd dat hij geboren was uit een maagd; Ishtar, de Babylonische godin, wordt de Heilige Maagd genoemd.) Zij hechten er geen geloof aan, noch aan de doctrine van de drie-eenheid, omdat geen van beide mogelijk is zonder geloof in God.

Kan een agnost een Christen zijn?
Het woord ‘Christen’ heeft in verschillende tijden verschillende betekenissen gehad. In de meeste eeuwen na de dood van Christus, had het de betekenis van een persoon die geloofde in God en eeuwig leven, en geloofde dat Jezus God was. Maar Unitariërs noemen zichzelf Christenen, ook al geloven ze niet in de goddelijkheid van Christus, en veel mensen gebruiken vandaag de dag het woord God in een veel minder duidelijke betekenis dan het vroeger had. Veel mensen die zeggen dat ze in God geloven, bedoelen hier niet meer een persoon mee, of en drie-eenheid van personen, maar alleen een vage drijvende kracht of doelmatigheid die immanent is in de evolutie. Anderen, die iets verder gaan, bedoelen met ‘Christendom’ alleen een ethisch systeem waarbij ze zichzelf voorhouden (omdat ze te weinig kennis hebben van de geschiedenis) dat alleen Christenen deze eigenschappen hebben.

Toen ik in een recent boek zei dat de wereld ‘liefde, Christelijke liefde of mededogen’ nodig heeft, dachten veel mensen dat ik hiermee liet zien dat ik mijn mening had veranderd, hoewel ik hetzelfde zou kunnen hebben gezegd op ieder ander willekeurig moment. Als men met een ‘Christen’ iemand bedoeld die van zijn naaste houdt, die mee voelt met de mensen die lijden, en die hartstochtelijk een wereld wenst die vrij is van de wreedheden en walgelijke zaken die het tegenwoordig verminken, dan is men gerechtvaardigd om mij een Christen te noemen. En, vanuit deze definitie gezien, denk ik dat men meer ‘Christenen’ zal vinden onder de agnostici dan onder de orthodoxen. Maar wat mij betreft kan ik zo’n definitie niet accepteren. Onafhankelijk van andere bezwaren hiertegen, vind ik het onbeschoft in de richting van Joden, Boeddhisten, Mohammedanen, en andere niet-Christenen, die, voorzover de geschiedenis laat zien, die op zijn minst even geneigd zijn om de deugden in praktijk te brengen, die door sommige hedendaagse Christenen op arrogante wijze geclaimd worden als zijnde kenmerkend voor hun eigen religie.

Ik denk ook dat iedereen die zichzelf Christen noemde in vroegere tijden, en een grote meerderheid die dit heden ten dage doen, van mening zouden zijn dat geloof in God en eeuwig leven essentieel is voor een Christen. Als we daarvan uitgaan, dan zou ik mezelf geen Christen noemen, en ik zou dan zeggen dat een Agnost geen Christen kan zijn. Maar als het woord ‘Christendom’ alleen algemeen gebruikt zou gaan worden in de betekenis van een soort moraal, dan zal het uiteraard mogelijk worden voor een agnost om zichzelf een Christen te noemen.

Ontkent de agnost dat de mens een ziel heeft?
Deze vraag kan niet duidelijk beantwoord worden, behalve als men ons een definitie geeft van het woord ‘ziel’. Ik veronderstel dat men ruwweg iets immaterieels bedoeld, dat blijft bestaan tijdens iemands leven en zelfs, voor degenen die in het eeuwige leven geloven, na de dood. Als dit de betekenis is van het woord, dan zal een agnost waarschijnlijk niet geloven dat de mens een ziel heeft. Maar ik moet mij haasten om erbij te vertellen dat een agnost niet persé een materialist is. Veel agnostici (waaronder ikzelf) zijn even onzeker over het lichaam als over de ziel, maar dit is een lang verhaal waardoor men verzeild raakt in gecompliceerde metafysica. Zowel geest als materie zijn allebei slechts bruikbare symbolen waardoor we erover kunnen spreken, maar geen werkelijk bestaande dingen.

Gelooft een agnost in het hiernamaals, in hemel of hel?
De vraag of er leven na de dood is, is één waarvoor mogelijk bewijs zou kunnen bestaan. Van parapsychologisch onderzoek en spiritualisme wordt door velen beweerd dat deze het bewijs kunnen leveren. Een agnost neemt geen standpunt in over het leven na de dood, behalve als hij denkt dat er bewijzen zijn voor het ene of het andere. Wat mijzelf betreft, ik denk niet dat er goede redenen zijn om te geloven dat we de dood overleven, maar ik sta open voor argumenten, als deze onderbouwd worden met voldoende bewijs.

Hemel en hel zijn een andere aangelegenheid. Het geloof in de hel is gebonden aan het geloof dat de wraakzuchtige bestraffing van zonde een deugd is, volledig onafhankelijk van gedragsveranderend of afschrikkend effect dat het zou kunnen hebben. Vrijwel geen agnost gelooft dit. Wat betreft de hemel is het mogelijk dat het spiritualisme bewijs levert voor haar bestaan, maar de meeste agnostici denken niet dat dergelijk bewijs bestaat, en geloven om diezelfde reden niet in de hemel.

Bent u nooit bang voor God’s oordeel omdat u niet in hem gelooft?
Absoluut niet. Ik ontken ook het bestaan van Zeus, Jupiter, Odin en Brahma, maar dit geeft me geen onbehaaglijk gevoel. Ik zie dat een heel groot percentage van de mensheid niet in God gelooft en daar ook niet zichtbaar onder lijdt. En zelfs al zou God bestaan, dan lijkt het me zeer onwaarschijnlijk dat Hij zó ijdel zou zijn dat Hij zich beledigd zou voelen door de mensen die twijfelen aan zijn bestaan.

Hoe verklaren agnostici de schoonheid en harmonie in de natuur?
Ik begrijp niet waar deze ‘schoonheid’ en ‘harmonie’ gevonden zouden kunnen worden. Overal in het dierenrijk jagen dieren genadeloos op elkaar. De meeste dieren worden wreed afgeslacht door andere dieren of verhongeren langzaam. Wat mijzelf betreft, ik kan met de beste wil van de wereld geen grote schoonheid of harmonie zien in de lintworm. Laat niemand zeggen dat dit schepsel geschapen is als straf voor onze zonden, want het is meer verspreid onder dieren dan onder mensen. Ik veronderstel dat de degenen die deze vraag stellen, aan dingen denken als de schoonheid van de sterrenhemel. Maar men zou zich moeten herinneren dat sterren zo nu en dan exploderen en alles in hun nabije omgeving reduceren tot een vage mist. Schoonheid is in alle gevallen subjectief en bestaat alleen in de ogen van de toeschouwer.

Hoe verklaren agnostici de wonderen en andere openbaringen van God’s almacht?
Agnostici geloven niet dat er enig bewijs is van ‘wonderen’ in de betekenis van gebeurtenissen die in strijd zijn met de natuurwetten. We weten dat gebedsgenezing voorkomt en dat het in geen geval wonderlijk is. In Lourdes kunnen sommige ziekten genezen worden en anderen niet. De ziekten die in Lourdes genezen kunnen worden, kunnen ongetwijfeld genezen worden door iedere arts waar de patient vertrouwen in heeft. De overleveringen waarin Jozua de zon commandeert om stil te staan, worden door de agnost verworpen als legenden, en hij zal wijzen op het feit dat alle religies overvloedig voorzien zijn met dergelijke legenden. Er is evenveel wonderlijk bewijs voor de Griekse goden van Homerus als er is voor de Christelijke God in de Bijbel.

Er zijn verachtelijke en wrede hartstochten geweest waar de religie zich tegen verzet. Als men afstand doet van religieuze principes, kan de mensheid dan wel voortbestaan?
Het bestaan van verachtelijke en wrede hartstochten is onbetwistbaar, maar ik kan in de geschiedenis geen bewijs vinden dat religie zich tegen deze hartstochten heeft verzet. In tegendeel, ze heeft ze gerechtvaardigd, en heeft mensen de volmacht gegeven om zich er volledig aan over te geven zonder wroeging. Wrede vervolgingen zijn altijd gebruikelijker geweest binnen het Christendom dan in de meeste andere religies. Het is dogmatisch geloof dat vervolging lijkt te rechtvaardigen. Vriendelijkheid en tolerantie krijgen alleen de overhand als dogmatisch geloof in verval raakt. Heden ten dage is een nieuwe religie opgestaan, namelijk het communisme. Hiertegen verzet de agnost zich, net als tegen de andere dogmatische systemen. Het onderdrukkende karakter van het hedendaagse communisme verschilt niet van het onderdrukkende karakter van het christendom in vroegere eeuwen. Voor zover het Christendom minder onderdrukkend is geworden, is dit voornamelijk te danken aan het werk van vrijdenkers die de dogmatici minder dogmatisch hebben gemaakt. Als zij nog steeds zo dogmatisch waren als in vroegere tijden, dan zouden ze waarschijnlijk nog steeds ketters op de brandstapel zetten. De geest van tolerantie die sommige Christenen beschouwen als hoofdzakelijk Christelijk is in feite een gevolg van de geaardheid die twijfel toelaat, en is wantrouwig als het gaat om absolute zekerheden. Ik denk dat iedereen die onbevooroordeeld de geschiedenis onderzoekt tot de conclusie zal komen dat religie meer ellende heeft veroorzaakt dan dat het heeft voorkomen.

Wat is voor de agnost de zin van het leven?
Ik ben geneigd om de vraag te beantwoorden door een andere vraag te stellen; Wat betekent ‘de zin van het leven’? Ik veronderstel dat men een soort algemene betekenis bedoeld. Ik denk niet dat het leven in het algemeen op enigerlei wijze zin heeft. Het gebeurde gewoon. Maar individuele mensen hebben doelen in hun leven, en er is niets in het agnosticisme dat hen tegenhoudt om deze doelen te verwezenlijken. Zij kunnen uiteraard niet zeker zijn of zij de doelen die zij nastreven succesvol kunnen voltooien; maar men zou slecht denken over een soldaat die zou weigeren te vechten, tenzij de overwinning gegarandeerd was. Degene die religie nodig heeft om betekenis te geven aan zijn leven is een angsthaas, en ik kan niet zo positief over hem denken als over degene die risico’s neemt, terwijl hij erkent dat een nederlaag niet onmogelijk is.

Betekent de afwijzing van religie een afwijzing van het huwelijk en de kuisheid?
Ook hier dient men te reageren met een wedervraag; Gelooft de man die dit vraagt dat het huwelijk en de kuisheid een bijdrage leveren tot het aardse geluk hier beneden, of denkt hij, omdat zij hier beneden ellende veroorzaken, dat zij daarom een vrijgeleide geven naar de hemel? Degene die voor de laatstgenoemde visie kiest zal zonder twijfel verwachten dat agnosticisme tot een verval zal leiden van wat hij beschouwt als deugden, maar hij zal moeten toegeven dat wat hij onder deugd verstaat niet zal bijdragen aan het geluk van de mensheid hier op aarde. Als hij in het andere geval zou kiezen voor het eerstgenoemde standpunt, namelijk dat er aardse argumenten zijn die voor huwelijk en kuisheid pleiten, dan moet hij ook toegeven dat deze argumenten van toepassing zijn op de agnost. Agnostici hebben geen kenmerkende meningen over seksuele moraal. Maar de meeste onder hen zullen toegeven dat er steekhoudende argumenten zijn tegen ongebreidelde bevrediging van seksuele verlangens. Zij zullen deze argumenten echter baseren op aardse bronnen, en niet op veronderstelde goddelijke openbaringen.

Is het niet gevaarlijk om alleen in de rede te geloven? Is de rede niet onvolmaakt en ontoereikend zonder spirituele en morele wetten?
Niemand gelooft in de rede alleen, ook een agnost niet. De rede is afhankelijk van feiten, sommige zijn waargenomen, andere heeft men ergens uit afgeleid. De vraag of er een hiernamaals is, en de vraag of er een God bestaat, zijn ook afhankelijk van feiten, en de agnost is van mening dat zij op dezelfde wijze onderzocht moeten worden als de vraag, ‘Is er morgen een maansverduistering?’ Maar feiten alleen zijn niet voldoende om tot actie over te gaan, omdat zij ons niet vertellen wat voor doelen we zouden moeten nastreven. In het rijk der doelen hebben we iets anders nodig dan de rede. De agnost zal zijn doelen vinden in zijn eigen hart, en niet op bevel van iets buiten zichzelf. Laten we een voorbeeld nemen: Stel, iemand wil met de trein reizen van New York naar Chicago; hij zal in dat geval de rede gebruiken om er achter te komen hoe laat de treinen vertrekken, en als iemand meent dat hij de dienstregeling niet nodig heeft, omdat hij denkt één of andere intuïtieve kracht te bezitten, zou men dat behoorlijk onverstandig vinden. Maar geen enkele dienstregeling vertelt hem dat het verstandig is, hij zal rekening moeten houden met nadere feiten; maar achter alle feitelijke zaken liggen de doelen die hij nastreeft, en deze behoren, zowel voor de agnost als voor andere mensen, tot een ander rijk dan dat van de rede, hoewel het er in geen geval mee in strijd zou moeten zijn. Het rijk dat ik bedoel is dat van de gevoelswereld en het verlangen.

Beschouwt u alle religies als dogmatisch of als vormen van bijgeloof? Welke van de bestaande religies respecteert u het meest, en waarom?
Alle grote georganiseerde religies die grote menigten gedomineerd hebben in meer of mindere mate dogma’s met zich meegebracht, maar ‘religie’ is een woord waarvan de betekenis niet erg scherp omlijnd is. Confucianisme bijvoorbeeld, zou men een religie kunnen noemen, ook al bevat het geen dogma. En in sommige vormen van liberaal Christendom is het dogmatische element tot een minimum gereduceerd.

Van alle grote religies uit de geschiedenis, prefereer ik het Boeddhisme, in het bijzonder de vroegste vormen, omdat het Boeddhisme het kleinste gehalte van onderdrukking heeft gekend.

Communisme bestrijdt religie, net als agnosticisme. Zijn agnostici communisten?
Communisme bestrijdt geen religie. Het bestrijdt het Christendom slechts op de wijze waarop het Mohammedanisme dat doet. Communisme, in ieder geval in de vorm waarop het bepleit wordt door de Sovjet regering en de Communistische Partij, is een nieuw dogmatisch systeem van een bijzonder kwaadaardig en onderdrukkend soort. Daarom zal iedere oprechte agnost er tegen zijn.

Geloven agnostici dat wetenschap en religie onverenigbaar zijn?
Het hangt er vanaf wat bedoeld wordt met ‘religie’. Als het slechts een ethisch systeem betekent, dan is het verenigbaar met wetenschap. Als het een dogmatisch systeem inhoudt waar niet aan getwijfeld mag worden, dan is het onverenigbaar met de geest van de wetenschap, die weigert om feiten te accepteren zonder bewijs, en die ook van mening is dat volledige zekerheid bijna altijd onmogelijk is.

Welk soort bewijs zou u kunnen overtuigen van het bestaan van God?
Ik denk dat als ik een stem zou horen vanuit de hemel, die alles wat er met mij zou komen te gebeuren gedurende de komende vierentwintig uur, inclusief gebeurtenissen die erg onwaarschijnlijk zouden zijn geweest, zou voorspellen, en als al deze gebeurtenissen zich vervolgens zouden gaan afspelen, dan zou ik misschien op z’n minst overtuigd zijn van het bestaan van één of andere bovennatuurlijke intelligentie. Ik kan me ander bewijs van dezelfde orde voorstellen waardoor ik overtuigd zou kunnen worden, maar voor zover ik weet bestaat dergelijk bewijs niet.

Artikel ‘Wat is een agnost?’ door Bertrand Russell, vertaald door M. Defianth.

Bron

12 Responses

  1. Vanessa huysmans

    Misschien ben ik het ook… ik wil eerder graag ergens van overtuigt zijn maar ik ben het niet. Niets is voor mij sluitend en volledig. Niet het darwinisme, niet de wetenschap tot daar waar ze reikt, niet religie.. overal zie ik hiaten en heb ik vragen twijfel de eeuwige twijfel.. denken. Maar nooit vinden… de rust.

  2. Adriaan van der Zwaan

    Religie is a state of mind voortkomend zoals hier beschreven uit onzekerheid over het bestaan en de behoefte aan een rechtvaardiging van het leven, daar het anders zinloos zou zijn. Dus er moet een beloning zijn. Waarom heeft een zogenaamde God zich niet nu geopenbaard in het internet tijdperk, iedereen gelukkig, die 2000 jaar geleden stellen niets voor in het bestaan vanaf de “mensheid”. Dus het is een menselijke fantasie, misleiding, invullen van iets wat nooit verklaard zal worden om 1 reden, wij zullen nooit weten het hoe en waarom, daarom zijn wij te onbetekend in het alles. Minder dan 1 druppel van alle oceanen bij elkaar, maar wel uniek in die zin dat wij in staat zijn om ons bestaan te ervaren en te onderzoeken.

  3. Jan Holleman

    Briljant stuk waar ik graag iets aan toe wil voegen. Vaak in discussies tracht ik aanwezigen ervan te overtuigen dat het menselijk brein, ondanks het huidige wetenschappelijke niveau, maar matig ontwikkeld is. Van bepaalde zaken kunnen wij ons simpelweg geen voorstelling maken. Daarom, zo blijkt nu, ben ik een 100% agnost. Of er een God bestaat weet ik niet, maar ik ontken het ook niet. Misschien bestaan er wel 20. Dat is net zo min te bewijzen als dat er slechts één of geen bestaat. Ook de discussies over het begin der tijden vind ik heerlijk. Mijn stelling is, er was nooit een begin en er zal hoogstwaarschijnlijk ook nooit een eind zijn. Leg dat mensen aan de borreltafel maar eens uit. De oerknal en nog meer van deze onzin wordt ons opgedrongen door gefrustreerde wetenschappers die de waarheid niet kunnen vinden. Wat was er dan vòòr de knal? Als ik zeg, de mens en dier etc. heeft altijd ergens hier of in het immense heelal bestaan, zonder dat er ooit een creatie heeft plaatsgevonden, kijkt men mij aan of ik gek ben. Ook dit is nooit te bewijzen. Een cirkel is ook rond. Waar is dan het begin of het eind? Met vriendelijke groeten, Jan Holleman, Mougins.

  4. Edward Apcar

    Sir Bertrand Russell mag dan een gerespecteerd wetenschapper en filosoof geweest zijn. En een helder betoog geschreven hebben over wat nou precies een agnost is, maar hij gebruikt het valse argument van het godsbewijs.
    Gelovigen hebben dat bewijs niet nodig. Zij geloven, zoals een kind in sinterklaas gelooft. Daarom is het een drogreden, een val, speciaal voor naïeve twijfelaars en onoplettende andersdenkenden. Het is de val van de pseudo-rationaliteit.
    Bewijzen is, rationeel beredeneren, twijfelen, feiten verzamelen, twijfelen, aanwijzingen op een rijtje zetten, twijfelen, verifiëren, falsifiëren, twijfelen, nog eens controleren en dan pas concluderen vaak nog met enige reserve.
    Geloof is niet rationeel. Geloof is instinct. Het oerinstinct dat het “vlucht-of-vecht-indtinct” genoemd wordt. Een reflex. Een poging van het brein om aan de onzekerheid van het leven en de angst voor de dood te ontsnappen. Religie is vluchtgedrag.

    Ik zie maar twee mogelijkheden: Een mens gelooft in die “alziende, alwetende, almachtige” externe autoriteit die “god” genoemd wordt en richt zijn leven daarnaar in. In blinde gehoorzaamheid aan de wetten en voorschriften die die (onkenbare, zeggen ze zelf) “God” via zijn vertegenwoordigers op aarde (die hem blijkbaar wèl kennen) aan zijn volgelingen oplegt. De gelovige voelt zich niet verantwoordelijk voor zijn denken en zijn doen want hij is gehoorzaam aan een externe autoriteit die de verantwoordelijkheid op zich genomen heeft
    .
    Of een mens gelooft niet in zo’n externe autoriteit. Hij accepteert zijn sterfelijkheid, richt zijn leven in naar eigen inzicht en draagt zelf de verantwoordelijkheid voor zijn denken en zijn doen, tegenover zijn medemensen, de samenleving, de wereld in het algemeen en vooral tegenover zijn eigen autonome geweten.

    Agnosten hangen daar ergens tussenin. Zij maken de keuze niet en gebruiken het valse argument van het godsbewijs om deze houding te rechtvaardigen.
    Het bestaan van een god is niet te bewijzen. Voor gelovigen hoeft dat ook niet.
    En het niet bestaan van iets, wat dan ook, god, eenhoorns, kabouters, sinterklaas of voor mijn part Spiderman bewijzen is logisch onmogelijk
    Daarom vind ik jezelf agnost noemen een zwaktebod.

    Edward

  5. Lebber

    Het is heel simpel. Het enige ware antwoord op de vraag of God bestaat is: ik weet het niet. Er is geen enkel feit dat toont of God wel of niet bestaat. En je hebt toch echt feiten nodig om iets aan te tonen. Feiten zijn sterker dan bewijs. Op feiten kun je verder bouwen richting bewijs.
    Dus ga maar na in het leven waar feiten voor bestaan. De rest is onbekend. Geen feiten = niet weten hoe het zit.
    Elke vraag over God zou moeten beginnen met de vraag of God bestaat. Zijn daar feiten over dan kun je andere vragen over God onderzoeken met feiten. Dus of God de aarde heeft geschapen kan pas aan de orde komen na de vraag of God bestaat. Als op het bestaan van God een ‘weet ik niet’ wordt gegeven, dan is al het andere over God automatisch ook een ‘weet ik niet’.
    Als ik met iemand wil trouwen dan moet ik eerst een partner vinden die bestaat. Ik kan wel fantaseren, zelf bedenken, maar pas als hij of zij bestaat komt al het andere in zicht: het leren kennen wie deze persoon is, wat doet hij voor werk en pas daarna, als ik deze persoon heb leren kennen: wil ik ermee trouwen?

    Geloof is gefundeerd op aannames, niet op feiten. Het zijn veronderstellingen die door gelovigen wel neergezet wordt als feiten. Op deze manier kun je uitleggen dat geloof aannemen als feit niet klopt. Omdat dus voor het bestaan van God we geen feiten hebben. Zodoende het enige echte antwoord op de vraag of God bestaat: ik weet het niet.

  6. Nora Maitimo

    Ik ben een Agnost, het is voor mij een lange reis geweest om hier achter te komen en ik ben blij om dit nu te zijn te weten en te voelen.

  7. Vital Henkens

    Mijn agnost zijnde:
    Mijne cultuur heeft men mij reeds lang afgenomen.
    Nu ben ik een agnost en ik voel me vrijer als nooit tevoren.
    Een agnost heeft een vrijheid die geen gelijke kent!
    Hoe extremer men wordt, hoe minder vrijheid.
    Alleen de natuur verdient eerbied omdat zij ons geschapen heeft.
    Het –bidden – van een agnost is de verwondering voor de natuur.
    Alles is evolutie. Evolutie heeft geen begin en kan een einde hebben.
    Een evolutie is altijd in de positieve zin, anders waren we reeds lang uitgestorven.
    De ruimte is altijd in beweging en heeft eveneens geen begin en geen einde.
    Dus in feite is er niets geschapen. Ook geen god of wat dan ook.
    Die Big-Bang van over 5 of 6 miljard jaren terug was niet de eerste.
    Een begin bestaat niet. De ruimte in het heelal is oneindig en heeft geen grenzen. Het leven op aarde is uniek. Alles in de evolutie gebeurt maar éénmaal.
    Het leven op aarde is begonnen op een gunstig ogenblik, toen de atomen zich samensmolten tot een molecule, welke de mogelijkheid waren om tot leven te komen. Zoals edele metalen, heeft men ook edele gassen. Er zijn ook edele atomen, bv.: H2O (waterstof).
    Alles gebeurde héél spontaan en ongedwongen. De mogelijkheid van leven heeft zich altijd voorgedaan, en omdat gewoon het er moest van komen. Achter de geheimen van het leven op aarde moet ge niet verder zoeken, dit is ondoorgrondelijk, de kern kennen we niet, het is er gewoon. Dit is duidelijk in de zin van evolutie. Daarom moet men bewondering hebben voor de natuur en het leven. Ons eigen leven is maar éénmalig.

    1. Johannes Bernard Holleman

      Het voorgaande verhaal benadert m.i. steeds meer een waarheid die voor wetenschappers niet te bevatten zal zijn. De wetenschap gaat uit van exacte bewijzen, echter sommige zaken zullen nu eenmaal nooit te bewijzen zijn. Dat frustreert een wetenschapper. Het voorgaande verhaal is naar mijn idee nog veel te beperkt. Het benoemt het leven op aarde. Maar wat stelt dat voor? Wij zijn nog niet eens een speldenprik in het immense universum. Onze hersenen zijn simpelweg te weinig ontwikkeld om te kunnen bevatten dat het heelal naar alle waarschijnlijkheid krioelt van het leven. Tevens kunnen wij niet bevatten dat het leven nooit is begonnen maar er altijd was. Dat begrijpen wij niet. We zoeken nu immers altijd het begin van een straat, maar een rotonde heeft ook geen begin en geen eind !!!.
      Als geboren Rooms-Katholiek en thans duidelijk Agnost heeft het scheppingsverhaal en bestaande religies, ook goede kanten laten zien. Er moet toch iets van orde zijn in een samenleving. Waar zou deze orde vandaan moeten komen zonder een basis die uit bestaande religies is ontstaan. Ook Evolutie is eigenlijk niets bijzonders. Het is gewoon een logisch gevolg van ontwikkelingen die in de loop der tijd ontstaan. Daar hoef je geen Darwin voor te zijn. De aarde zal in het verleden of misschien nog steeds, allang zijn bezocht door levensvormen die voor ons volkomen onbekend zijn. Ook zal onze beperkte ontwikkeling, ondanks onze in onze ogen snelle technische vooruitgang, een reden zijn ons met rust te laten. Op aarde moorden we er nog naar hartelust op los. Wellicht zijn we in andere ogen het barbaarse stadium nog niet ontstegen. Er is nog een lange weg te gaan. Een weg ook zonder eind….

Laat een reactie achter bij Vanessa huysmans Reactie annuleren