Van wonde naar verwondering

Hoe om te gaan met innerlijke pijn?

Een inspirerende optie, die ik overigens van harte aanbeveel voor iedereen die herkent dat zijn of haar moed boven de angst uit gegroeid is, of zou kunnen groeien.

PIJN

Ik ben de pijn, ik ben de gewonde liefde,
ik kom als het donker is
en als het nog licht is, maak ik het donker.

Ik ben de pijn, de pijn die niet wordt aanvaard,
ik ben al afgewezen voor ik mij aandien,
ik ben een miskend signaal, een ontkende realiteit.

Ik verberg me in allerlei uitingen
soms onder woede, soms onder spot,
soms onder haat, soms onder onverschilligheid,
soms onder verveling,
allemaal pantsers om het hart waar ik verblijf.

Ik ben de pijn, ik ben de gewonde liefde,
om mij te ontwijken, om mij niet te voelen,
verdoven de mensen zich
met een lach, met spot, met kou,
kortom met alles wat mij dragelijk schijnt te maken.

Ik ben de pijn, maar jij slaapt,
je wilt niet wakker worden.
Om mij niet te voelen verhard je steeds je hart,
waardoor je het contact verliest,
met je innerlijke liefde.

Ik ben de pijn, je wilt me niet, je lijdt me niet,
ach, wilde je me in liefde (ver)dragen
me voelen en lijden met een open hart,
geestelijk en lichamelijk,
ik zou helend voor je zijn.

In liefde (ver)dragen betekent: me willen voelen,
mij willen lijden, mij aanvaarden zoals ik ben.
Het betekent: je angst voor mij willen loslaten,
en me toelaten, waar en hoe ik ook ben.

Ik ben de pijn, mij willen (ver)dragen wil zeggen,
dat je mij in mijn schrilheid,
mijn schrijnende waarheid wilt erkennen en lijden,
ik ben niet zoet, ik ben hard.

Ik ben de pijn, niets meer en niets minder.
Wie mij in zichzelf vindt… voelt
en ervaart… komt tot bevrijding.

Ik ben de pijn, wanneer je me toelaat,
dan kom ik en ga ik,
als het water van de zee in golven.

Wanneer je me nog niet kent
zul je bang voor me zijn,
bang dat ik je overspoel,
dat je zult verdrinken,
in een zee van verdriet,
je eigen zee van ongeweende tranen.

Verzamel moed! Leer me kennen.
Maak contact met de leegte
waarin je mij gevangen houdt
en steeds weer gevangen neemt.

Laat je ontroeren, laat je beroeren,
kom in beweging, smelt het ijs,
smelt de gestolde zee van je tranen,
en huil me uit, traan voor traan,
snik voor snik, totdat je leeg van me bent,
zoals een lentelucht
leeg van wolken kan zijn,
na de regen.

En deel mij, oh deel mij,
ik ben het waard geopenbaard te worden,
ik ben het grootste geschenk dat je iemand kunt geven,
ik ben de energie van je hart,
de energie die andere harten kan beroeren
en tot leven brengen.

Laat me zijn, laat me zien.
Wees niet bang voor je gevoelens
klein en kwetsbaar.
Laat mij zijn, deel mij,
huil mij uit bij iemand
die je in vertrouwen durft te nemen,
iemand die je tranen kan verdragen
en bij je blijven kan terwijl je lijdt.

Maar koester mij niet,
dan wordt ik een dwaalspoor,
roep mij niet op,
ik zou verstikkend zijn.

Laat me zijn,
wanneer ik me aandien.
Ik ben de pijn, ik ben de gewonde liefde,
die op heling wacht.
Ik ben de enge poort,
waardoor je tot leven komt.

Naar Magda Maris

Bovenstaande komt uit het boek : “Van wonde naar verwondering – hoe omgaan met innerlijke pijn?” door Ria Weyens.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s