Veelvoorkomende ‘foute’ uitspraken bij kerkverlating. Deel II.

Voor achtergrondinformatie over deze serie, >KLIK< om meer te lezen over doelgroep, motivatie en doelstelling.

Liever als filmpje? Dat kan ook. Onder het filmpje de tekst.

Stel: in een gezin is het de gewoonte – en eigenlijk ook de regel – dat iedereen in een rode auto rijdt. Opa en oma reden ook al in een rode auto, andere familieleden rijden in een rode auto, er is goed over nagedacht en men heeft geconcludeerd dat rood gewoon de beste en veiligste kleur voor een auto is, vandaar dat iedereen in een rode auto rijdt.

Op een dag parkeert de zoon voor het huis in een mooie nieuwe auto. Een blauwe. De andere gezinsleden komen ontdaan naar buiten. “Hoe kan je! Hoe kan je nou niet meer in een rode auto rijden? Zó ben je niet opgevoed! Hoe kan je loslaten wat zo belangrijk is? Hoe kan je ons zo kwetsen? Hoe kan je breken met de familietraditie? Hoe kan je breken met… ons?”

Want zo verscheurend kan het soms voelen hè, als iemand wezenlijk andere keuzes maakt. Dan lijkt iemand soms wezensvreemd te zijn…

En de zoon in de blauwe auto krijgt te horen: “Als je écht een autoliefhebber zou zijn, dan reed je in een rode! We vinden het verschrikkelijk dat de kleur voor jou niet meer belangrijk is!” En daarin klinkt de aanname dat deze zoon zich niet door liefde laat leiden – hij zou geen echte liefhebber zijn – en niet de juiste dingen belangrijk vindt – in dit geval de kleur van de auto. En dat doet pijn, als dat over je gezegd wordt! Dat je je niet door liefde laat leiden en dat je niet de juiste dingen belangrijk vindt! Dit is een uitspraak, een oordeel, over het hart en de intenties.

En dus gaat de zoon zich verdedigen door de anderen aan te vallen. “Kleur voor mij niet belangrijk? Ik zou eerder denken dat kleur voor jullie niet belangrijk is! Weet je hoeveel kleuren er zijn? Is het niet een beetje toevallig dat rood van jullie allemaal de lievelingskleur is? Jullie doen maar wat, jullie denken helemaal niet na! Nou, ik houd niet van rood. Kleur is júist belangrijk voor mij. Ik heb heel zorgvuldig deze kleur gekozen. Hij past perfect bij mijn voordeur en bij mijn ogen. En ik voel me gewoon beter in blauw.”

Waarop zijn moeder uitroept: “Ja maar het draait niet om jouw gevoel! Hoe egocentrisch om dat te denken! Je weet hoe bedrieglijk je eigen gevoelens zijn! Het gaat niet om wat je voelt, het gaat om wat je weet! Auto’s horen rood te zijn!”

En zo kan je in een strijd belanden die eigenlijk gaat over de vraag of iemand ‘goed’ of ‘fout’ is. Wat heel vaak gebeurt, is dat wanneer we in het gedrag en de woorden van de ander niet datgene herkennen dat wij als ‘goed’ ervaren, we de ander of de weg die de ander gaat ook niet meer zien als ‘goed’. Dat blijkt bijvoorbeeld wanneer er dingen gezegd worden als: “De weg die jij begaat is niet de weg van God.” “Denk erom, de duivel lacht als je dat zegt.” “Je doet niet alleen mij, maar ook God verdriet.” Deze uitspraken zijn gebaseerd op de gedachte dat je zelf hoort bij de groepering die het ‘goed’ heeft en dat God aan jouw kant staat. En dat màg je denken, maar omdat we soms zo zwart wit denken, lijkt de ander automatisch iemand te zijn die het ‘mis’ heeft en niet aan Gods kant staat of aan de kant van het goede.  

En eigenlijk oordeel je dan over het bereik van God en over het hart van de ander. Dit soort uitspraken kunnen ernstige schade toebrengen aan het diepste zijn van de ander.

Het kan heel moeilijk zijn om iemand vrij te laten een weg in te slaan wanneer je zelf gelooft dat dit een schadelijke weg is. Toch is de ander vrij laten het meest helpende dat je kunt doen, júist als je wilt dat iemand blijft of terugkeert. Door mensen tegen te houden of tegen te werken, jaag je hen alleen maar verder weg. Wie wil nou in een omgeving zijn waar je je onderdrukt voelt? Juist wanneer iemand zich gedrongen voelt om te gaan, zou je dat – hoe moeilijk dat ook kan zijn – moeten respecteren. Zoals ook de vader deed, in de gelijkenis van de verloren zoon. Toen zijn jongste zoon hem vroeg om zijn erfdeel, probeerde hij hem niet bij zich te houden, maar gaf hij hem wat hem toekwam en liet hem verzorgd gaan. Geen oordeel, maar een zegen. Ik houd van je. Ga maar.

Dan kom ik bij de laatste categorie: uitspraken die gaan over de levensbeschouwelijke visie van de ander. Daarover een volgende keer. 🙂

Meer info over de aanleiding, het doel en de doelgroep van deze serie vind je hier: >KLIK<

Deel I, ‘foute’ uitspraken over de psyche en het proces van de ander, vind je hier: >KLIK<

Deel III, ‘foute’ uitspraken over de levensbeschouwelijke visie van de ander, vind je hier: >KLIK<

About Inge Bosscha

Aandachtig, openhartig, (zelf)kritisch en verbindend. Trainer, coach en inspirator. Deskundige op het gebied van (het loslaten van) aangeleerde religieuze dogma's en belemmerende overtuigingen.

Jouw reactie kan anderen tot steun zijn.