Vergeving in 4 stappen. Stap 1: vergeef vooral NIET!

Een nieuw jaar, een schone lei. Er is misschien geen beter moment om een artikel te lezen over vergeving.


Bijna dagelijks spreek ik mensen die onrecht is aangedaan. Velen van hen worstelen met de gedachte dat je (uiteindelijk) ‘moet vergeven’, al was het maar voor jezelf. Maar hoe doe je dat wanneer jou geen recht wordt gedaan of wanneer de ‘dader(s)’ geen besef lijken te hebben van wat ze jou hebben aangedaan of zelfs vinden dat ze in hun recht stonden/staan?


Omdat vergeving processen vraagt die emotioneel diep ingrijpend kunnen zijn en omdat dit vaak zo complex is, wil ik met dit artikel zo helder mogelijk inzicht geven in wat er zoal komt kijken bij vergeving en hoe je zowel jezelf als de ander recht kunt doen.


Omdat ik zelf ook ruim tien jaar heb geworsteld met het thema vergeving, heb ik hier veel over nagedacht en over gesproken met anderen. Ook las ik jarenlang over vergeven in zelfhulpboeken, studieboeken en boeken met een psychologische, filosofische en/of religieuze achtergrond. Alles wat ik bruikbaar vond heb ik verzameld en verwerkt in dit 4-stappen plan.


Dit soort informatie, die ik voorheen als coach in één op één sessies behandelde, wil ik zoveel mogelijk gratis en voor iedereen beschikbaar stellen, zodat niemand zich buitengesloten hoeft te voelen.

Ik heb gemerkt dat de behoefte aan erkenning en aan handvatten bij het ervaren van complexe gevoelens heel groot kan zijn. Met dit artikel hoop ik daar een beetje in te voorzien.

Ik hoop dat de inzichten kostbaar voor je zullen zijn . Voel je vrij dit artikel op te slaan en/of privé of openbaar – bijvoorbeeld op social media – te delen. Je weet nooit wie je daarmee een dienst bewijst. 😊


Vergeving in 4 stappen


Let op: voor elke stap geldt dat je dit meestal niet in een middagje doet, maar dat dit om processen gaat die soms meerdere malen herhaald moeten worden en die langdurige tijd en aandacht vragen.

1 Erken


Een grote valkuil bij het thema vergeving is dat je dit te snel wilt doen. Je kunt het gevoel hebben dat (anderen zullen denken dat) je niet sportief genoeg bent, te kleinzerig bent of veel te veel in de slachtofferrol zit. Je kunt zoveel weerstand en walging voelen bij dergelijke labeltjes, dat je je (onbewust) háást om toch vooral te laten zien dat jij niét zo bent.


In onze maatschappij is maakbaarheid iets waar velen in geloven. Als je écht wilt, kan alles. Geen plafond te hoog, geen doel te ver, geen droom te bizar, je ‘moet’ ‘gewoon’ geloven in jezelf en dan zal je zien dat alles kan. Dat is niet waar. Ieder mens heeft te maken met beperkingen en niemand kan alles. Enorme inspanningen garanderen geen enorme ‘successen’. Soms mislukken dingen. Er zijn – en waren – bijvoorbeeld vele uitvinders, er zijn er maar een paar ‘succesvol’ en bekend geworden. Dat was echt niet omdat ze harder werkten of slimmer waren, dat was vaak gewoon omdat ze ‘geluk’ hadden.


Erkennen dat je slachtoffer bent druist in tegen veel van de geluiden die je misschien om je heen hoort. En misschien heb je een innerlijke criticus ontwikkeld die ook sputtert bij het idee van ‘slachtoffer’ zijn. Slachtoffer zijn is iets voor watjes. Dat is niet waar. Erkennen dat jou onrecht is aangedaan is een stap waarbij steeds meer pijnbesef – en dus pijn! – ontstaat en waar je dus ongelooflijk moedig voor moet zijn.


‘Niet teveel stilstaan bij wat jou is aangedaan’ is een valkuil waarbij je niet alleen geen recht doet aan wat er gebeurd is, maar bovenal ook geen recht doet aan jouzelf. Om te voorkomen dat je over jezelf heenwalst, adviseer ik als eerste stap van vergeving om vooral niét te vergeven. Niet te snel. Niet ‘omdat het hoort’. En zeker niet omdat je niet ‘flauw’ wilt zijn.

Je bent alles behalve flauw, wanneer je aandacht schenkt aan het feit dat je je een slachtoffer voelt.

Stap 1 bij vergeving: erken dat je slachtoffer bent.

2 Verken


Je bent dus slachtoffer. Er is jou onrecht aangedaan.

Om te kunnen vergeven, is het belangrijk dat je weet wát je vergeeft. Wat is jou aangedaan en wat heeft dit jou gekost? Wat kost het je nog steeds? Eigen je dit leed toe. Own that shit! Kijk goed naar wat je met je meezeult. Probeer die berg shit eens voor je te zien, door deze denkbeeldig op tafel te leggen.

Wat zie je? Probeer zorgvuldig en uitgebreid te zijn, deze fase gaat alleen om helderheid over het onrecht in jouw leven. Probeer je alleen dáárop te focussen en weersta de verleiding om (de gevolgen van) het gedrag van de ‘dader’ goed te praten, af te zwakken of te negeren. Bij punt 3 gaan we ons met de ‘dader’ bezighouden. Focus éérst op jezelf. Dat kan heel moeilijk zijn, omdat je nu inzoomt op dat wat zo’n pijn doet en daardoor allerlei overlevingsmechanismen beginnen te pruttelen (zoals ‘met je aandacht naar de ander gaan’).


Focus. Wat is er gebeurd en wat heeft dit jou gekost? Heb je bijvoorbeeld onveiligheid in je jeugd meegemaakt en heb je daardoor chronische spanningsklachten of ptss ontwikkeld, leg dat er dan ook bij. Kan je door je ptss minder of niet betaalde werkzaamheden verrichten, leg dat er dan ook bij. Wees zorgvuldig en compleet. En vooral: wees moedig, want oh, wat kan dit pijnlijk zijn en wat kan de drang om met je aandacht hierbij weg te vluchten groot zijn.

Het kan helpen om alles zwart op wit te zetten. Registreer en voel. Ook wanneer het een kluwen is en je niet precies kunt ontwarren wat waardoor gekomen is. Dat geeft niet. Het is sowieso goed om stil te staan bij het leed dat je met je meedraagt. Stap twee is er ‘alleen’ om de breedte en de diepte te verkennen van het onrecht in jouw leven. Pas in de volgende stap ga je nadenken over de adressering van de verantwoordelijkheid van dit leed.


Als je echter merkt dat je maar blijft struikelen over loyaliteit naar de ‘dader(s)’, dan kan het helpend zijn om eerst stap drie te doen. Als je bijvoorbeeld gedachten hebt als ‘ach, eigenlijk viel het best wel mee’ of ‘maar het was goed bedoeld’, dan mag je je (aangeleerde?) drang volgen en eerst met je aandacht naar de ‘dader(s)’ gaan, zoals beschreven in de volgende stap.

3 Ver-leg


Soms zijn gevoelens en gedachten rondom onrecht en vergeving een enorme kluwen geworden. Dit kan onderdeel zijn van een overlevingsmechanisme waarmee je (onbewust) voorkomt dat je met je aandacht de volle pijn en boosheid ervaart. Wanneer je in het ene gevoel dreigt te belanden, zorgt dit mechanisme er gauw voor dat je struikelt over een ander gevoel. Vooral wanneer mensen boos zijn op geliefden, met name de ouders, zie je dat er gestruikeld wordt over schuldgevoelens. Je schiet dan met je aandacht naar je hoofd/gedachten en kunt daar bezig zijn met vragen als

“Waarom deden ze het niet anders? Hebben ze geweten hoe het voor mij was? Hadden ze het móeten weten? In hoeverre valt het hen aan te rekenen? In hoeverre kan ik erkenning of excuses verwachten? In hoeverre zijn ze schuldig?”

Je hebt het recht om deze vragen te stellen. Maar soms stel je deze vragen, omdat je daarmee ten diepste op zoek bent naar toestemming voor je onderdrukte boosheid.

Een valkuil kan zijn dat je jezelf de boosheid pas toestaat wanneer je geconcludeerd hebt dat de ‘dader(s)’ bewust en expres erop uit was/waren/is/zijn om jou onrecht aan te doen.

En omdat dit vaak niet het geval is, blijf je je maar schuldig voelen vanwege je boosheid.


Om je boosheid ‘zuiver’ te kunnen voelen en jezelf recht te doen, kan het helpen om alles wat eventueel schuldgevoelens of medelijden met de dader(s) kan oproepen aan de kant te schuiven. Je kunt deze ‘verzachtende omstandigheden’ verzamelen uit de kluwen die denkbeeldig voor je ligt en op een apart bordje leggen. Zo houd je over wat op jóuw bord ligt.


Wat je apart legt is alles wat hoort bij het verhaal van de dader(s). Alles wat ook maar een beetje medelijden kan oproepen. Misschien weet je iets over de achtergrond, over de verstandelijke, sociale en empathische vermogens die iemand heeft. Misschien weet je dat er in het leven van degene die jou iets aandeed problemen waren/zijn of dat iemand niet voldoende hulpbronnen had/heeft in de eigen omgeving.

Er kunnen allerlei achterliggende oorzaken en verzachtende omstandigheden zijn aan de kant van de dader(s).
Probeer te voorkomen dat je daarover struikelt.

Houd je niet langer bezig met vragen als deze:


“Hij/Zij heeft me onrecht aangedaan. Waarom heeft hij/zij dat gedaan?”


Maar focus je op:


“Mij is onrecht aangedaan. Wat heeft dit met mij gedaan?”


Jij bent niet verantwoordelijk voor het verhaal en de gevoelens van de ander. Dat is zijn/haar verantwoordelijkheid. Dump wat niet van jou is op het bordje van de ander. Ver-leg het.


Nu je de kluwen een beetje meer ontward hebt, ben je klaar voor de volgende stap. Wat doe je namelijk met datgene dat je op het bordje van de dader(s) hebt gelegd?

4 Ver-geef


Je schuift dit bordje naar de dader(s). Je ver-geeft.


En als de ander dit bordje niet aanpakt of niet eens beseft dat het er staat? Als de ander jou geen recht doet en nooit erkenning geeft voor het feit dat hij/zij jou onrecht heeft aangedaan? Dit is één van de moeilijkste dingen om te doen, maar ook één van de dingen die je het meest zullen bevrijden: je ver-geeft alsnog.

Ver-geven doe je niet omdat iemand in staat is om aan te pakken en zijn/haar verantwoordelijkheid te nemen, maar omdat je zelf beseft dat dit niet jóuw bordje is.

Je hoeft je niet te buigen over de mate van iemands schuld. Je mag elke behoefte tot wraak en vergelding loslaten. Wanneer jou geen recht wordt gedaan, heb je enkel en alleen nog te maken met jóuw bordje.

“Mij is geen recht gedaan, hoe voelt dat voor mij en hoe kan ik mezelf hierin erkennen?”

Dit laatste is heel belangrijk, vooral wanneer je van de ander geen erkenning kunt verwachten. Door het bordje van de ander naar de ander te schuiven, ongeacht of deze er iets mee doet, komt er ruimte voor jou.


Schrik niet wanneer deze ruimte zich vult met boosheid en pijn. Dit hoort bij het proces van rouw en loslaten, wat ver-geven grotendeels is. Deze gevoelens zijn een normale en gezonde reactie op het onrecht in jouw leven. Je doet jezelf recht door het te voelen en erbij stil te staan. Door er rekening mee te houden en er de tijd voor te nemen. Door jezelf te omringen met zachtheid. Niet omdat je een watje bent, maar omdat je de moed hebt te dealen met de pijn die voortkomt uit het onrecht in jouw leven.


Het zal waarschijnlijk zo zijn dat je de stappen 1 t/m 4 meerdere keren zult doorlopen, waarbij je steeds weer opnieuw stukjes loslaat die niet van jou zijn.

Rouw daarbij volop om het onrecht zoals je dat kunt ervaren in de gedachte dat je náást dat je de gevolgen van het onrecht in je mee moet dragen, ook nog eens zélf keihard aan het werk moet voor je eigen herstel. Dit kan lange tijd oneerlijk voelen en de behoefte tot erkenning en genoegdoening kan zeer groot zijn. Erken dat. Rouw omdat je niet krijgt wat eerlijk voelt en wat je misschien zo nodig had/hebt. Vraag daarbij gerust om hulp, want je moet het weliswaar zelf doen, maar je hoeft het niet alléén te doen.

Op Dogmavrij kan je lekker gratis lezen zonder reclame of betaalmuur. Zo sluiten we niemand buiten. Neemt niet weg dat er – naast alle liefde – tijd en geld in deze website wordt gestoken. Heb jij misschien iets (gehad) aan de artikelen, de series, de steungroep of andere projecten? Zou je dan willen overwegen om dit werk te steunen? Dat kan via http://petje.af/ingebosscha Dank je wel!

About Inge Bosscha

Aandachtig, openhartig, (zelf)kritisch en verbindend. Trainer, coach en inspirator. Deskundige op het gebied van (het loslaten van) aangeleerde religieuze dogma's en belemmerende overtuigingen.

2 Responses

  1. Desiree Huisman

    in mijn eigen verwerkingsproces waarin ik steeds stukjes verdriet en boosheid doorleef van vroeger denk ik dat vergeving steeds meer komt doordat ik mij meer bewust wordt van dingen en dat ze ik meer kan accepteren, hoe het is gegaan vroeger, veel dingen heb ik onderdrukt en/of weet ik niet meer, ik denk dat je als kind ook veel niet begreep, waarom deden ze zo? nu je volwassen bent kun je het in een ander daglicht zetten.
    hoe mijn ouders er nu mee omgaan is hun verantwoordelijkheid, hoe graag ik ook hoor dat ze dingen toegeven, erkennen, iets wat ze nog niet doen en ik denk ook nog niet kunnen. Omdat dat hun hele wereld in de war zou brengen, ze overstuur zou maken terwijl ze al op leeftijd zijn.
    Het gaat er om dat je nu voor jezelf kiest en vergeving helpt dan vooral jezelf.

  2. Jan

    Het kan ook helpen om het degenen die je onrecht aandeden altijd kwalijk te blijven nemen, ook al zijn ze dood. Daarmee kun je recht doen aan jezelf. Als ze je niet om vergeving vragen, heb je er recht op het ze nooit te vergeven. Als vergeving je bevrijdt, dan zij het je gegund hoor, begrijp me niet verkeerd. Toch kan vergeving ook een ideaal zijn dat niet voldoende recht doet aan iemand. Zo zijn er bijvoorbeeld ouders die hun kinderen op meerdere manieren (vaak langdurig) hebben miskend en mishandeld en die bij leven nooit om vergeving hebben willen vragen. Sommige ouders reserveren in het hiernamaals de hemel voor zichzelf, want hun zonden zouden hen vergeven zijn door het bloed van Christus. Ja, ja. On(dertussen zijn er kinderen van zulke ouders die tot aan de dood van de laatste van de twee tevergeefs blijven hopen op inkeer, want als dat zou gebeuren, zou dat voor die kinderen het grootst denkbare geschenk betekenen; ze zouden het hun ouders maar wat graag vergeven. Het zou zulke kinderen van zulke ouders al ver voor de definitieve onomkeerbaarheid door de dood hebben kunnen bevrijden van het verdriet en de pijn van het onvervulde hopen op iets wat er sowieso niet in zat indien ze hadden mogen weten dat ze er het volste recht op hebben om hun misdadigers hun misdaden na te dragen, levend of dood. Kwalijk nemen kan een last zijn (is het misschien altijd wel) zolang er hoop is tegen beter weten in. Maar oh, wat bevrijdt het als alle hoop verdampt en de rouw over teloorgang van de hoop is uitgedoofd. Wat dan blijft, is: de daders zijn dood, leve de aanklager!

Laat een reactie achter bij Desiree Huisman Reactie annuleren