LHBTI+-er zijn, een kwestie van identiteit?

Ds. Maarten Klaassen (één van de initiatiefnemers van de Nashville verklaring) zegt in een artikel dat vandaag (12-11-2020) op CIP gepubliceerd is o.a. dat het nog maar de vraag is of het terecht is om het homo zijn te beschouwen als een identiteitskwestie. Hij schrijft:

“Kirsten van den Hul (PvdA) wierp het Slob voor de voeten: hoe kan een school veilig zijn als afgewezen wordt wie jij in essentie bent? En daarmee maakte ze glashelder dat homoseksualiteit inmiddels een identiteitskwestie is geworden. En ja, identiteit, dat is wie je bent. Einde gesprek… Dat de werkelijkheid wel wat genuanceerder ligt en dat homoseksualiteit als identiteit eigenlijk een heel nieuw idee is waarbij je vanuit christelijk perspectief de nodige kanttekeningen en vraagtekens bij kunt zetten, is nog niet goed doorgedrongen bij christenen in Nederland.”

Ds. M. Klaassen

Omdat ik dit gedachtengoed vaker heb gehoord – niet alleen binnen de orthodox christelijke wereld – en omdat het bij mij een diep gevoel van onrecht oproept, wil ik hier graag iets over zeggen. (En even voor de goede orde: Ds. Klaassen zegt hier niet dat homoseksualiteit géén kwestie van identiteit zou zijn, hij zegt alleen dat het misschien te stellig is om ervan uit te gaan dat dit wél zo is.)

Aangeboren of aangeleerd?

Het is nogal wat om iets wel of juist niet te beschouwen als ‘een kwestie van identiteit’. Wanneer je iets ervaart als ‘wezenlijk bij jou horend’ (ofwel een kwestie van ‘identiteit’), ben je daarin niet alleen krachtig, maar ook kwetsbaar, vooral wanneer anderen dit aspect van jou niet waarderen, accepteren of tolereren. Je kunt je dan onderdrukt voelen in wie je ten diepste bént en dit kan zeer ernstige gevolgen hebben voor je gevoel van welbevinden en je psychosociale ontwikkeling.

Maar hoe weet je nou wanneer iets een kwestie is van identiteit? Het punt is dat we daar nog lang niet uit zijn. Er wordt al jaren geëxperimenteerd en gediscussieerd over welke aspecten van ons mens-zijn aangeboren zouden zijn en welke aangeleerd (nature versus nurture).

Homoseksualiteit werd pas in 1990 geschrapt van de lijst met ‘geestesziekten’. Op deze lijst van Wereldgezondheidsorganisatie WHO stond de ‘afwijkende’ seksuele voorkeur tot die tijd tussen geestesziekten als schizofrenie, dementie en depressie. Eerder, in 1973, werd de ‘diagnose’ al van de lijst met psychiatrische stoornissen geschrapt door de Amerikaanse vereniging voor psychologen. Bron

Wanneer is iets een ‘aandoening’ en wanneer is iets een gezonde en normale ‘variatie op de soort’? Wanneer is iets ‘scheef ontwikkeld’ en wanneer is iets aangeboren en dus een kwestie van dna? En wat van deze zaken valt precies onder onze identiteit? We zijn er nog lang niet uit. We hebben geen duidelijk afgebakende definitie van wat er allemaal valt onder onze ‘identiteit’.

We hebben enkel onze beléving van identiteit. En daarbij speelt een grote rol of wie je van binnen voelt en/of denkt dat je bent in voor jou voldoende mate uitdrukking kan vinden in de wereld om je heen.

Kwestie van beleving?

De één ervaart zijn muzieksmaak als een identiteitskwestie, vooral wanneer deze botst met de voorkeuren van de omgeving waarin je opgroeit/opgroeide. De strijd om het mogen draaien van jouw muziek kan dan worden ervaren als een gevecht om ruimte voor jezelf.

Een ander – die homo is – vindt het ervaren van muzieksmaak als onderdeel van de identiteit mss een ‘lachertje’. “Pfff, dat is toch gewoon een kwestie van smáák en niet een kwestie van wie je bènt, zoals ík heb met mijn seksuele geaardheid!”

En weer een ander vindt dát dan weer een ‘lachertje’. “Alsof er homo’s bestaan! Vroeger waren die er toch zeker ook niet! Het is gewoon een modeverschijnsel van mensen die seksueel in de war zijn, omdat tegenwoordig alles maar moet kunnen en niks meer duidelijk is.”

Wat is identiteit? Wat versta jíj onder jouw identiteit? Met welk verbod zou jíj je onderdrukt voelen in wie je in wezen bent? Een verbod op religie? Een verbod op jouw manier van opvoeden? Een verbod op jouw manier van kleden, eten, inrichten, reizen, denken of voelen? Een verbod op jouw seksuele leven en/of voorkeur?

Niemand wil het gevoel hebben klem te worden gezet door regels en overtuigingen van ánderen.

Het is belangrijk dat we gevoelens van identiteitsonderdrukking zeer serieus nemen, óók wanneer we zélf vinden dat ‘de kwestie’ waar iemand last van heeft niets met zijn/haar/hun identiteit te maken heeft.

Uitzonderingen

En natuurlijk is het mogelijk dat er bij de ontwikkeling van onze seksuele oriëntatie andere dingen mee (zijn gaan) spelen dan alleen de natuurlijke aanleg.

Het gesprek over nature vs nurture is nog lang niet klaar en steeds ontdekken we weer nieuwe wetenswaardigheden over deze kwestie. Van autisme werd bv lang gedacht dat je dat kreeg door een dominante moeder. Deze inzichten zijn gelukkig veranderd. En toch kan het in theorie (en waarschijnlijk ook in de praktijk) nog steeds voorkomen dat iemand met een dominante moeder ‘autistische trekjes’ krijgt. En het zou zélfs kunnen gebeuren dat iemand met ‘aangeleerd autisme’ of ‘door omstandigheden ontwikkeld autisme’ een diagnose krijgt als was iemand in aanleg een autist. Maar laten we wel wezen (dat wil zeggen: met de huidige inzichten): dit zou dan een uitzondering zijn.  

Zo is het ook met onze seksuele geaardheid (of gerichtheid). Het is mogelijk dat je onder invloed van omgevingsfactoren en/of bepaalde (nare of juist fijne) ervaringen onbewust bepaalde associaties hebt gemaakt en een bepaalde kant op ontwikkeld bent.

Het is dus mogelijk dat het homo-zijn te maken heeft met iets anders dan aanleg. (En ik begrijp daarom heel goed dat – zeker in kringen waarin homoseksualiteit beschouwd wordt als ‘niet de bedoeling’ – men gelooft/hoopt dat er nog een bepaalde ‘correctie’ mogelijk is.)

Maarrrr… en dít punt wil ik maken: datzelfde geldt ook voor hetero-zijn!

Selectief

In bepaalde kringen zijn verhalen over ‘voormalig homo’s’ die nu leven als hetero en zelfs een gezin hebben gevormd, graag gehoorde verhalen. Maar er zijn toch echt óók verhalen over ‘voormalig hetero’s’ die er eindelijk achter zijn gekomen dat ze eigenlijk diep van binnen al die tijd homo waren.

Sterker nog: ik vermoed dat omdat heteroseksualiteit het meest voorkomt en daarom door velen (onbewust) als ‘norm’ wordt beschouwt, het relatief eenvoudig kan gebeuren dat iemand zijn sluimerende homoseksuele gevoelens de kop indrukt en bijvoorbeeld beschouwt als ‘fase van seksuele verwarring’. Ik vermoed ook dat wanneer iemand ‘uit de kast’ moet komen qua seksuele geaardheid, deze persoon vaak veel beter heeft nagedacht over wie hij/zij/x ten diepste is en ook wil uitdrukken, dan veel anderen dit hebben gedaan/doen, omdat bij hen simpelweg die noodzaak niet aanwezig is. Dat maakt het – volgens mijn logica, en corrigeer me gerust wanneer jou dit onzin lijkt – aannemelijk dat de kans dat iemand (onbewust) ‘seksueel in de war’ is groter is bij hetero’s, dan bij eenmaal-uit-de-kast-zijnde-homo’s.

En dat maakt dat ik het onverteerbaar vind om juist bij homo’s en andere lhbti+-ers te zeggen dat het misschien een ‘verkeerde programmering’ is of dat er nog iets ‘gecorrigeerd’ moet worden door middel van therapie, gebed of zelfs ‘duiveluitdrijving’.

Ik ben van mening dat het voor elk mens noodzakelijk is om een zekere vorm van acceptatie te ervaren over datgene dat men als wezenlijke eigenschappen of facetten van zichzelf ervaart. Wát dit ook is. En dat dit veel belangrijker is dan – wat vooral gebeurt wanneer iemand tot een minderheid behoort – de zogenaamde ‘afwijking’ te duiden, te corrigeren of te genezen.

Als iemand het lhbti+-zijn ervaart als onderdeel van zijn/haar/hun identiteit, laten we er dan vanuit gaan dat dit zo ís. Dat is namelijk wat we allemáál willen – en ook nodig hebben! – bij wat we zelf als wezenlijk onderdeel van onszelf ervaren.

Ruimte om te zijn waarvan je diep van binnen voelt dat je dat bént is iets dat iederéén nodig heeft om te kunnen bestaan. Het wordt niet voor niets bestaans- of levensruimte genoemd.  


Op Dogmavrij kan je lekker gratis lezen zonder reclame of betaalmuur. Zo sluiten we niemand buiten. Neemt niet weg dat er – naast veel liefde – tijd en geld in deze website wordt gestoken. Heb jij misschien iets (gehad) aan de artikelen, de series, de steungroep of andere projecten? Zou je dan willen overwegen om dit werk te steunen? Dat kan via  http://petje.af/ingebosscha Dank je wel!

About Inge Bosscha

Aandachtig, openhartig, (zelf)kritisch en verbindend. Trainer, coach en inspirator. Deskundige op het gebied van (het loslaten van) aangeleerde religieuze dogma's en belemmerende overtuigingen.

1 Response

  1. Rien B

    Met verbijstering heb ik het gedeelde cip-artikel van ds. M. Klaassen gelezen. De kerk, de school, de ouders, ze komen allemaal aan bod. Het belangrijkste, het kind dat hier wordt afgewezen, komt in zijn betoog 0 x voor. Dogma’s komen eerst, de kinderen laatst.

Laat een reactie achter bij Rien B Reactie annuleren